Art. 4 Regeling vertrouwenspersonen integriteit en ongewenste omgangsvormen en Klachtencommissie ongewenste omgangsvormen BZK, Vertrouwenspersoon integriteit en ongewenste omgangsvormen
1. De vertrouwenspersoon wordt aangewezen en van zijn taak ontheven door de minister.
2. Aanwijzing vindt, behoudens tussentijdse taakontheffing, plaats voor de duur van vijf jaar en kan telkens voor vijf jaar worden verlengd.