Art. 4 Besluit Uitwijklijst, Het verzoek tot plaatsing
Bij het verzoek tot plaatsing worden ten minste de volgende stukken overgelegd:
a. de verklaringen, zoals bedoeld in artikel 4, tweede tot en met vierde lid, van de Wbtv;
b. een kopie van een geldig identiteitsbewijs;
c. een document waaruit blijkt dat de tolk of vertaler, voor zover relevant, in Nederland mag verblijven en werken;
d. een document waaruit blijkt dat de tolk of vertaler de bron- of doeltaal, voor zover toetsbaar, op ten minste C1-niveau beheerst;