Bijlage 9 Regeling eindtermen en toetstermen examens financiële dienstverlening Wft: eindtermen en toetstermen module zorgverzekeringen
Regeling eindtermen en toetstermen examens financiële dienstverlening Wft
Nummer toetsterm Omschrijving toetsterm Kennisniveau Eindterm 1a De persoon baseert zijn werkzaamheden met betrekking tot zorg- en/of ziektekostenverzekering(en) op actuele kennis van het verzekeringsrecht en de van toepassing zijnde wet- en regelgeving, richtlijnen, gedragscodes en convenanten. 1a.1 De kandidaat kan de indeling van het gezondheidszorgstelsel in Nederland aan de hand van voorbeelden uitleggen. B 1a.2 De kandidaat kan omschrijven wat de gevolgen zijn van het niet tijdig betalen van de eerste premie en de vervolgpremie van een zorg- en ziektekostenverzekering. B 1a.3 De kandidaat kan de rol van het Zorginstituut Nederland, de SKGZ, de NZa, het CAK, het Informatie Knooppunt Zorgfraude (IKZ) en de Autoriteit Persoonsgegevens beschrijven. K 1a.4 De kandidaat kan uitleggen welke feiten op grond van de mededelingsplicht bij een aanvraag van een zorg- en ziektekostenverzekering meegedeeld moeten worden en wat de gevolgen zijn van het niet mededelen van deze feiten. B 1a.5 De kandidaat kan benoemen in welke gevallen een zorg- en/of ziektekostenverzekering opzegbaar is en welke opzegtermijn er in een bepaald geval in acht dient te worden genomen. K 1a.6 De kandidaat kan de meest voorkomende relevante wet- en regelgeving en richtlijnen opsommen, o.m. Zorgverzekeringswet, Besluit Zorgverzekering, Regeling Zorgverzekering. K 1a.7 De kandidaat kan de meest voorkomende relevante gedragscodes opsommen, o.m. Gedragscode verwerking persoonsgegevens zorgverzekeraars, de gedragscode goed zorgverzekeraarschap en de strekking ervan uitleggen. B 1a.8 De kandidaat kan de meest voorkomende relevante convenanten opsommen, o.m. Convenant samenloop reis- en zorgverzekering, convenant regres zorgverzekeraars aansprakelijkheidsverzekeraars en de strekking ervan op hoofdlijnen uitleggen. B 1a.9 De kandidaat kan de inzetbaarheid en de procedures van de verschillende interne en externe klachtentrajecten beschrijven. K 1a.10 De kandidaat kan de volgende informatiebronnen noemen die