Bijlage 8 Regeling eindtermen en toetstermen examens financiële dienstverlening Wft: eindtermen en toetstermen module pensioenverzekeringen
Regeling eindtermen en toetstermen examens financiële dienstverlening Wft
Nummer toetsterm Omschrijving toetsterm Kennisniveau Eindterm 1a De persoon maakt bij zijn werkzaamheden gebruik van actuele kennis van de relevante wet- en regelgeving en de van toepassing zijnde richtlijnen en gedragscodes. 1a.1 De kandidaat kan opsommen welke middelen klanten hebben als zij geconfronteerd worden met onprofessioneel en niet-integer gedrag (verschil klachtenprocedure, Kifid, Ombudsman Pensioenen, schikkingen, rechterlijke uitspraak). K 1a.2 De kandidaat kan de voorwaarden om professioneel en integer gedrag af te dwingen via zelfregulering verklaren en voorbeelden noemen van zelfregulering op het niveau van productaanbieders bijv. Convenant Toegang tot aan arbeid gerelateerde verzekeringen (Van Leeuwen convenant), Gedragscode verwerking persoonsgegevens en van keurmerkorganisaties van financiële dienstverleners (zoals de Pensioenorde). Kan daarbij het verschil tussen zelfregulering en wet- en regelgeving aangeven. B 1a.3 De kandidaat kan de gevolgen van uitspraken van klachten- en geschilleninstanties en rechterlijke uitspraken voor het dagelijks handelen aangeven. B 1a.4 De kandidaat kan beschrijven in welke wet- en regelgeving de functie en bevoegdheden van de verschillende toezichthoudende organisaties vastliggen: Pensioenwet (Pw), Wet op het financieel toezicht (Wft) en lagere regelgeving. K 1a.5 De kandidaat kan aansprakelijkheidsrisico’s uitleggen (afdwingen professioneel en integer gedrag door de klant) en kan daarbij praktijkvoorbeelden noemen. B Vaardigheid (V) De kandidaat kan: Norm/Resultaat/Prestatie-indicator Toelichting op vaktechnische of communicatieve aspecten van de vaardigheid of omstandigheden rond de vaardigheid Eindterm 2a De persoon beschikt over het vermogen om mondeling en schriftelijk te communiceren. 2a.1 Gestructureerd interviewen. De kandidaat werkt gestructureerd en is onbevooroordeeld. Interviewtechniek en vraagpunten van het onderzoek zijn goed uitgewerkt en worden goed uitgevoerd. De kandidaat stelt de juiste en rele
- – governance en cultuur;
- – strategie en doelstelling;
- – prestatiemanagement;
- – review, evaluatie en informatie;
- – communicatie en rapportage.