Bijlage 8 Regeling eindtermen educatie 2013: behorend bij artikel 2, vijfde lid

Regeling eindtermen educatie 2013

Eindtermen digitale vaardigheden Inhoudsopgave Domein 1: Het gebruik van ICT-systemen Domein 2: Beveiliging, privacy en gezondheid Domein 3: Informatie zoeken Domein 4: Informatie verwerken Domein 5: Digitaal communiceren Toelichting: Het gaat in dit domein om het gebruiken van (functies van) ICT-systemen. Hieronder vallen zowel computers, smartphones, tablets en printers als ook digitale apparatuur zoals wasmachines, smart-tv’s en wekkers. Basisniveau 1 Het niveau van de eindtermen wordt bepaald door de combinatie van het karakter, de context en de beschrijving van de eindterm zelf. Algemene omschrijving: Kan binnen de alledaagse leef-, werk- en leeromgeving herkenbare digitale toepassingen gebruiken en de meest voorkomende handelingen verrichten. • Karakter: toepassingen en handelingen komen het meest voor en zijn herkenbaar. • Context: de alledaagse leef, werk- en leeromgeving Eindtermen 1. Gebruikt de interfacemogelijkheden voor basisfuncties binnen applicaties. Voorbeeld: Een route instellen in een navigatiesysteem. 2. Maakt gebruik van internet. Voorbeeld: Door het invoeren van een URL in de adresbalk naar de website van de gemeente gaan. 3. Gebruikt de interfacemogelijkheden voor bestandsbeheer in een gestructureerde digitale omgeving. Voorbeeld: Oude werkverslagen verwijderen. 4. Gebruikt twee applicaties op een apparaat. Voorbeeld: Een filmpje opnemen met de smartphone en dit doorsturen naar een vriend via Whatsapp. Basisniveau 2 Het niveau van de eindtermen wordt bepaald door de combinatie van het karakter, de context en de beschrijving van de eindterm zelf. Algemene omschrijving: Kan veelvoorkomende digitale toepassingen gebruiken en handelingen verrichten, gerelateerd aan de leef-, werk- en leeromgeving. • Karakter: toepassingen en handelingen komen veel voor. • Context: er is een relatie met de leef-, werk- en leeromgeving. Eindtermen 1. Gebruikt meerdere applicaties die tegelijkertijd actief zijn en wisselt informatie uit tussen die applicaties. Voorbe