Art. 3.20 Besluit diergeneesmiddelen, Vrijstelling of ontheffing immunologisch diergeneesmiddel in verband met gezondheidsbepalingen
1. Onze Minister kan van het verbod, bedoeld in artikel 2.19, eerste lid, van de wet inzake het in de handel brengen van een diergeneesmiddel ambtshalve vrijstelling verlenen voor het in de handel brengen van een immunologisch diergeneesmiddel, indien:
a. een dier vanuit een derde land wordt ingevoerd of daarheen wordt uitgevoerd;
b. er in verband met de uitvoer of de invoer specifieke verplichte gezondheidsbepalingen van één van de betrokken landen moeten worden toegepast, en
c. toepassing van dit diergeneesmiddel in het derde land is toegestaan.
2. Onze Minister stelt voorschriften of beperkingen als bedoeld in artikel 7.5 van de wet met betrekking tot controle op invoer en gebruik van het diergeneesmiddel, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a.
3. In afwijking van het eerste lid kan Onze Minister op aanvraag een ontheffing verlenen met overeenkomstige toepassing van het eerste en tweede lid.