Art. 7.5 Mandaatbesluit BZK 2012, Algemene bepalingen inzake mandaat
In gevallen waarin dit besluit niet voorziet, beslist de Minister, de Secretaris-generaal, het diensthoofd of de algemeen directeur over de doorverlening van zijn mandaat.
In gevallen waarin dit besluit niet voorziet, beslist de Minister, de Secretaris-generaal, het diensthoofd of de algemeen directeur over de doorverlening van zijn mandaat.