Bijlage 9 Regeling indienststelling spoorvoertuigen: behorende bij artikel 4, derde lid
Regeling indienststelling spoorvoertuigen
- 1. Spoorvoertuigen voldoen met betrekking tot de compatibiliteit met een treindetectiesysteem aan eisen voor assentellers van het type Az LM, zoals beschreven in artikel 17, vierde lid.
- 2. Spoorvoertuigen waarvoor TSI Loc&Pas niet geldt, voldoen tevens aan:
- a. bijlage 3, paragraaf 1.4, tweede lid;
- b. punt 4.2.3.3.1.2 van de TSI Loc&Pas met betrekking tot voertuiggeometrie, wielgeometrie en het voertuigontwerp;
- c. punt 4.2.3.4 van de TSI Loc&Pas met betrekking tot de loopkarakteristieken;
- d. punt 4.2.6.2.4 van de TSI Loc&Pas met betrekking tot zijwind; en
- e. punt 4.2.8.2 van de TSI Loc&Pas, alsmede artikel 21, tweede tot en met vijfde lid, indien zij gebruik maken van het wisselstroomsysteem van 25 kV 50 Hz.
- 3. Spoorvoertuigen bestemd voor het vervoer van personen, waarvoor de TSI Loc&Pas niet geldt, voldoen tevens aan:
- a. de eisen gesteld aan spoorvoertuigen behorend tot categorie B reizigerstreinen, genoemd in punt 4.1.4 van de TSI Loc&Pas, indien zij gebruik maken van de Groene Harttunnel; en
- b. punt 4.2.6.2.3 van de TSI Loc&Pas met betrekking tot de maximale drukvariaties in tunnels.