Bijlage 1 Regeling experimenten prestatiebeloning onderwijs: experimenteervarianten en ontwerpeisen
Regeling experimenten prestatiebeloning onderwijs
De experimenten richten zich op twee hoofdvarianten van prestatiebeloning: De wetenschappelijke begeleidingscommissie zal bij de beoordeling van de projectplannen kijken naar de volgende ontwerpeisen aan de experimenten:
- o bij individuele prestatiebeloning wordt aan de hand van de prestatie die de individuele leraar levert, een individuele leraar al of niet met een prestatiebeloning beloond.
- o bij teambeloning wordt aan de hand van de prestatie die het gehele team levert, een individuele leraar of een team van leraren al of niet met een prestatiebeloning beloond.
- o Binnen de groep door de aanvrager aangemelde leraren wordt op basis van toeval door de onderzoekers de controlegroep en de experimentgroep toegewezen. De leraren die deel uitmaken van de experimentgroep maken kans op de prestatiebeloning. De omvang van de beide groepen dient beargumenteerd te worden.
- o In het projectplan wordt duidelijk:
- • op welke wijze de (random) toewijzing van controlegroep en experimentgroep plaatsvindt;
- • op welke wijze het experiment de betrouwbaarheid en validiteit van de effectmeting waarborgt (onder meer door een inschatting te maken van de statistische kracht - “massa maken”);
- • op welke wijze binnen het experiment omgegaan of gecontroleerd wordt voor zelfselectie. Als er sprake is van vrijwillige deelname van scholen/ leraren- (teams) binnen een schoolbestuur aan het experiment kan er sprake zijn van zelfselectie en dienen de effecten van prestatiebeloning in dat licht beoordeeld te worden;
- • hoe de kennis uit de literatuur over prestatiebeloning is meegenomen in de te onderzoeken variant van prestatiebeloning;
- • op welke wijze de kans op en omvang van de prestatiebeloning is vastgesteld;
- • hoe naast de kwantitatieve effecten ook een verklarend onderzoek wordt uitgevoerd door middel van een kwalitatieve voor- en nameting;
- • hoe de aanvrager. indien van toepassing omgaat met de aanwezigheid van leraren van zowel experiment- als controlegroep binnen één school en/of team;
- • of, en zo ja hoelang deelnemende scholen, leraren en leerlingen na afloop van de experimenten worden gevolgd;
- • welke data en gegevens de deelnemende scholen zullen moeten opleveren teneinde een wetenschappelijke analyse mogelijk te maken;
- • Uit het projectplan wordt duidelijk dat het experiment zich openstelt voor wetenschappelijk debat (het experiment maakt onderdeel van een publicatie, data wordt beschikbaar gesteld voor eventuele replicatie, etc.). De verzamelde data zullen na afloop van het experiment door de onderzoeker(s) (geanonimiseerd) ter beschikking gesteld moeten worden voor nadere analyse of ander onderzoek.
- o In het projectplan kan ingezet worden op een prestatiebeloning van de experimentgroep en een beperkte beloning (niet afhankelijk van de prestatie) van een controlegroep. De verwachte invloed hiervan op de gevonden verschillen in de effectmeting dienen te worden beschreven. De keuze voor deze experimentvorm heeft geen gevolgen voor het maximum aan te vragen subsidiebedrag.
- o Het is gedurende het experiment niet toegestaan om de controlegroep voor eigen rekening een additionele beloning te geven. Dit zou het experiment te zeer verstoren. Ook dient voorzichtig omgegaan te worden met tussentijdse beleidswijzigingen gericht op de experiment- of controlegroep.
- o De metingen van de prestaties en de daaropvolgende beloning vinden gedurende de experimenten jaarlijks plaats.
- o De indicatoren dienen relevant voor het onderwijsproces, beïnvloedbaar en niet manipuleerbaar door leraren te zijn.
- o In alle experimenten zijn leerling-prestaties een van de prestatie-indicatoren.
- o Daarnaast kiest iedere aanvrager een of meerdere aanvullende prestatie-indicatoren. Hierbij kan gedacht worden aan prestatie-indicatoren als:
- • mate van opbrengstgericht werken
- • mate van omgaan met verschillen
- • verwijzing naar het speciaal onderwijs
- • tevredenheid leerlingen
- • tevredenheid vervolgonderwijs of afnemend bedrijfsleven (mbo)
- • beoordeling schoolleider
- • beoordeling collega’s
- • percentage voortijdig schoolverlaten
- • op- en afstroompercentages
- o Als het gaat om leerling-prestaties wordt altijd in termen van leerwinst gesproken. De mate van geboekte leerwinst is kortom de gehanteerde maatstaf bij leerling-prestaties. De aanvrager wordt gevraagd de operationalisering van deze maatstaf te onderbouwen.
- o De aanvrager is vrij om de prestatie in relatieve (grootste procentuele verbetering) of absolute (voldoen aan vooraf gedefinieerde norm) vast te stellen. Bij de absolute prestatienorm zal extra aandacht zijn voor de onderbouwing van de ingeschatte kans op de beloning en de voorgestelde omvang. Daarnaast is de aanvrager vrij de beloning afhankelijk te maken van een vooraf gesteld doel (gemeten in absolute dan wel relatieve zin) of een competitie maken (waarbij de docenten met de grootste winst (absoluut of in procenten) de beloning krijgen. Dit heeft geen gevolgen voor het maximum aan te vragen subsidiebedrag.
- o In het projectplan wordt duidelijk welke meetinstrumenten voor de meting van de prestatie-indicatoren worden ingezet en hoe wordt gewerkt aan standaardisatie.
- o Om de onderlinge vergelijkbaarheid van experimenten te kunnen waarborgen zal bij de effectmeting van de prestatiebeloning gebruik gemaakt worden van een gestandaardiseerde toets. Deze zal ter beschikking worden gesteld aan het deelnemende bevoegd gezag.
- o De beloning moet substantieel zijn en aantrekkelijk voor de leraren.
- o In deze experimenten met prestatiebeloning wordt er vanuit gegaan dat de beloning in ieder geval financieel van aard is, maar het bevoegd gezag kan daar bovenop natuurlijk ook andere beloningsvormen toepassen voor zover ze vooraf in het projectplan beschreven staan.
- o In het projectplan wordt duidelijk gemaakt op welke wijze de zeggenschap over besteding van de prestatiebeloning door de beloonde leraren wordt geregeld. Dit geldt zowel bij individuele prestatiebeloning als bij teambeloning.