Bijlage 1 Besluit vaststelling minimumeisen bedrijfsgezondheidsplan en bedrijfsbehandelplan Verordening registratie en verantwoording antibioticagebruik rundersector (PVV) 2011: bij het Besluit vaststelling minimumeisen bedrijfsgezondheidsplan en bedrijfsbehandelplan Verordening registratie en verantwoording antibioticagebruik rundersector (PVV) 2011
Op grond van artikel 3, eerst lid, van de Verordening registratie en verantwoording antibioticagebruik rundersector (PVV) 2011 gelden voor het bedrijfsgezondheidsplan naast de in artikel 1 van dit besluit genoemde minimumeisen voorts de volgende minimumeisen. Voor volwassen melkvee geldt tevens: 1) Onder aandoening wordt verstaan: Bij volwassen dieren: Bij melkvee geldt tevens: Jongvee: Bij vleesvee geldt tevens: Klauwaandoening, aantal dieren behandeld voor klauwproblemen of gewrichtsontsteking 2) Gezondheidsstatus van het bedrijf voor Paratuberculos, IBR, Leptospirose, BVD, Salmonella en Neosprora 3) Omstandigheden waardoor ziektekiemen het bedrijf binnen kunnen komen. Bijvoorbeeld door; gezamenlijk beweiden, uitbreken van dieren, over draad contact, aankoop, uitscharen, deelname aan veekeuringen, gezamenlijke jongvee opfok, gezamenlijk gebruik van gereedschappen en materialen en loonwerk, de aanvoer van mest, ongediertebestrijding en bedrijfskleding voor bezoekers. 4) Omstandigheden waardoor ziektekiemen zich gemakkelijk binnen het bedrijf kunnen verspreiden. Bijvoorbeeld door; kruisende werk- en looplijnen, het niet gescheiden houden van verschillende leeftijdsgroepen, het niet gescheiden houden van zieke dieren en afkalvende dieren en het niet gebruiken van melkerhandschoenen. Andere factoren zijn de hygiëne van beddingmateriaal van dieren, van voederwinning en van melkverstrekking. 5) Omstandigheden van het voedingsmanagement die tot een verminderde weerstand van de dieren kunnen leiden, Bijvoorbeeld kuilkwaliteit (zie kuilanalyse uitslagen en uitkuilmanagement), rantsoenberekeningen, wijze van voeren (restvoer, vreetplaatsen, toestand voerhek, etc.) en krachtvoergift bij de verschillende diergroepen zowel in de zomer als in de winter. Van belang kunnen zijn: vitamines en mineralen, de voedingstoestand en conditie van de dieren. Andere punten zijn biestvoorziening bij de kalveren en drinkwatervoorziening. 6) Omstandigheden van de huisvesting en de beweiding va
- a. De normering van de DierDagDosering per dierjaar.
- b. De normering van het gebruik van de 3e keus middelen.
- c. Het aantal volwassen dieren en jongvee aanwezig op het bedrijf.
- d. Het aantal volwassen dieren en aantal jongvee met een aandoening1 in de afgelopen 12 maanden, alsmede de bedrijfsstreefwaarde
- e. De gezondheidsstatus van het bedrijf2.
- f. De beoordeling van de omstandigheden op het bedrijf rondom de insleep van ziektekiemen van buitenaf, alsmede de bijbehorende aandachtspunten3.
- g. De beoordeling van de omstandigheden op het bedrijf rondom versleep van ziektekiemen binnen het bedrijf, alsmede de bijbehorende aandachtpunten4.
- h. De beoordeling van de omstandigheden op het bedrijf rondom voeding, alsmede de bijbehorende aandachtpunten5.
- i. De beoordeling van de omstandigheden op het bedrijf rondom huisvesting en verzorging, alsmede de bijbehorende aandachtpunten6.
- j. Vaccinaties en overige preventieve maatregelen7.
- k. Formulering van actiepunten die komend jaar uitgevoerd zullen worden8.
- l. Het gemiddelde tankmelkcelgetal, alsmede de streefwaarde.
- i. Klauwaandoeningen; behandelingen van kreupelheden bij het individuele dier, zoals bekappen, toediening van medicijnen (antibiotica of pijnstillers) en het toepassen van klosjes of klauwzakken. Hieronder valt niet het reguliere preventieve bekappen.
- ii. aan de nageboorte staan; De nageboorte langer dan 24 uur na het kalven is nog niet gekomen.
- iii. Acute baarmoederontsteking; binnen 2 weken na het afkalven is er sprake van afwijkende stinkende vaginale uitvloeiing, waarbij toediening van antibiotica nodig is.
- iv. Chronische baarmoederontsteking; meer dan 2 weken na het afkalven is er sprake van witte vaginale uitvloeiing of de diagnose 'pusbaarmoeder' is gesteld.
- v. Doodgegaan; koeien afgevoerd naar de destructor. Als hiervan een aandeel dood is gegaan zonder tussenkomst van de dierenarts (euthanasie) is dat een reden voor gesprek met de dierenarts.
- i. Mastitis; behandeling van mastitisgevallen. Als binnen 14 dagen na een vorige behandeling van hetzelfde kwartier de behandeling herhaald wordt, wordt dit als een eenmalige behandeling beschouwd.
- ii. Melkziekte; preventief of curatief behandeld voor melkziekte.
- iii. Slepende melkziekte; curatief behandeld voor slepende melkziekte (negatieve energie balans).
- iv. Diarree; aantal dieren behandeld voor diaree.
- v. Longontsteking; aantal dieren behandeld voor longontsteking.
- vi. Navelontsteking, aantal dieren behandeld voor navelontsteking.
- vii. Dood gegaan; aantal jongvee (tot 2 jarige leeftijd) afgevoerd naar de destructor, inclusief doodgeboren kalveren. Als meerdere kalveren zijn doodgegaan wordt hiervan de leeftijd genoteerd.