Bijlage 1 Regeling modellen diploma’s VO BES: behorend bij de Regeling modellen diploma’s VO BES
Regeling modellen diploma’s VO BES
Het is noodzakelijk dat de waardedocumenten gedrukt worden op papier dat namaak en vervalsing tegengaat. Het papier dient daarom te zijn voorzien van: een uniek watermerk, UV-vezels, een vloeiend kleurverloop, microtekst en een beschermlaag die verkleurt bij mechanische of chemische aantasting. Met dit papier moet zorgvuldig worden om gegaan om te borgen dat het niet in handen van onbevoegden komt. Per vak wordt één regel gebruikt. Afhankelijk van het aantal vakken worden de regels voor de vermelding van de vakken op de cijferlijst: Op de examendocumenten wordt steeds – voor zover van toepassing – achter het woord ‘aan’ vermeld: de naam van de school voor voortgezet onderwijs of instelling voor educatie en beroepsonderwijs. Betreft het zo'n instelling, dan komt er na 'aan' te staan: de opleiding vavo van.... De naam van de school of de instelling is de naam zoals gebruikt door het bestuur in het dagelijks maatschappelijk verkeer en zoals geregistreerd bij DUO. In het geval van een nevenvestiging is het toegestaan dat na de officiële naam van de school een komma volgt en het woord ‘locatie’ gevolgd door de naam van de locatie. Indien de onderwijsaanbieder in het dagelijkse verkeer echter een andere naam hanteert dan bij DUO is geregistreerd, is het toegestaan deze naam te vermelden, echter alleen onder toevoeging van: ‘onderdeel van’ met daaropvolgend de naam zoals bij DUO geregistreerd. Omdat alle diploma’s/cijferlijsten worden opgenomen in het diplomaregister is het belangrijk dat de naamgeving van de school op het daadwerkelijk uitgereikte diploma direct te relateren is aan de naam van de school zoals opgenomen in het diplomaregister. Scholen moeten er voor zorgen dat de correcte naam van de school bij DUO staat geregistreerd, waarbij in het geval van een (neven)vestiging duidelijk wordt uit de naam van welke school c.q. scholengemeenschap deze deel uit maakt. Er is niet voorgeschreven dat de naam van de examenkandidaat op exact dezelfde wijze vermeld wordt als in
- • of ongeldig gemaakt voor zover ze niet worden gebruikt;
- • of hun aantal wordt aangepast aan het aantal vakken van de examenkandidaat.
- • wanneer een vak zowel een schoolexamen/ college-examen en een centraal examen bevat moeten beide cijfers op één decimaal nauwkeurig worden opgenomen. De eindcijfers moeten zonder decimalen worden opgenomen. Zie de artikelen 3.13, 3.25, 3.32, 4.11, 4.16 en 4.18 van het Uitvoeringsbesluit WVO.
- • wanneer het vak alleen een schoolexamen/ college-examen bevat en geen centraal examen kent moet het afgeronde schoolexamen-/ college-examencijfer zonder decimalen worden opgenomen. Dit cijfer wordt ook opgenomen als eindcijfer. Zie de artikelen 3.13, eerste lid, 3.32, derde lid, 4.11, eerste lid en 4.18, derde lid, van het Uitvoeringsbesluit WVO
- • het vak of de vakken en het onderwerp of de titel van het profielwerkstuk (zie ook de paragraaf over profielen vwo of havo);
- • het thema of de titel van het profielwerkstuk en de beoordeling van het profielwerkstuk vmbo;
- • de beoordeling van het vak lichamelijke opvoeding in het vwo of havo;
- • de beoordeling van kunstvakken I en het vak lichamelijke opvoeding uit het gemeenschappelijk deel van de leerweg in het vmbo,
- • de eindcijfers voor de examenvakken inclusief de eindcijfers voor de vakken die samen het combinatiecijfer bepalen (voor wat betref havo of vwo inclusief het profielwerkstuk), en
- • de uitslag van het eindexamen (zie voor de uitslagbepaling de artikelen 3.34 en 3.35 van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020 of de artikelen 4.20 en 4.21 van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020).
- • ‘geslaagd’ als de examenkandidaat geslaagd is en een diploma ontvangt,
- • ‘afgewezen’, in het geval een examenkandidaat is afgewezen.
- • wanneer een vak zowel een schoolexamen/ college-examen en een centraal examen bevat moeten beide cijfers op één decimaal nauwkeurig worden opgenomen. De eindcijfers moeten zonder decimalen, worden opgenomen,
- • wanneer het vak alleen een schoolexamen/ college-examen bevat en geen centraal examen kent moet het afgeronde schoolexamen-/ college-examencijfer zonder decimalen worden opgenomen. Dit cijfer wordt herhaald als eindcijfer,
- • het vak of de vakken en het onderwerp of de titel van het profielwerkstuk;
- • het thema of de titel van het profielwerkstuk en de beoordeling van het profielwerkstuk vmbo;
- • de beoordeling van het vak lichamelijke opvoeding in vwo en havo, in het regulier onderwijs,
- • de beoordeling van kunstvakken I en het vak lichamelijke opvoeding uit het gemeenschappelijk deel van de leerweg in vmbo en;
- • het vak waarin opnieuw centraal examen is afgelegd (waarbij het cijfer voor het schoolexamen wordt herhaald en het nieuwe cijfer voor het centraal examen en nieuwe eindcijfer wordt opgenomen). Indien er in het voorlaatste leerjaar geen herkansing heeft plaatsgevonden, wordt op de voorlopige cijferlijst achter 'opnieuw centraal examen is afgelegd in' niet van toepassing vermeld, als volgt: n.v.t.
- • het vak of de vakken waarvoor de examenkandidaat een eindcijfer 6 of meer heeft behaald,
- • het profielwerkstuk in het vwo of havo de waarvoor de examenkandidaat een eindcijfer 6 of meer heeft behaald,
- • het profielwerkstuk in het vmbo, voor zover beoordeeld met ‘goed’ of ‘voldoende’,
- 1. n.a. = niet afgerond
- 2. (naam van een andere school)
- 3. ‘vr’ = vrijstelling of ontheffing
- 4. (afkorting leerweg of schoolsoort); basisberoepsgerichte leerweg: bb kaderberoepsgerichte leerweg: kb gemengde leerweg: gl theoretische leerweg: tl voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs: vmbo hoger algemeen voortgezet onderwijs: havo voorbereidend wetenschappelijk onderwijs: vwo
- 5. n.v.t. indien:
- a. geen gebruik is gemaakt van het recht op herkansen (voorlopige cijferlijst)
- b. meer cijferlijsten worden uitgereikt en het profielwerkstuk maar op één cijferlijst past
- 6. toegestane afkortingen vaknaam: ckv
- • Voor het havo wordt als NLQF/EQF-niveau vermeld: NLQF4/EQF4
- • Voor het vwo wordt als NLQF/EQF-niveau vermeld: NLQF4+/EQF4
- • de verdeling van de vakken/onderdelen en het aantal behorend tot het gemeenschappelijk-, profiel- en (het minimum aantal van het) vrije deel,
- • welke (combinatie van) vakken/onderdelen deel mogen uitmaken van een eindexamen/staatsexamen vwo/havo en worden vermeld op de cijferlijst,
- • Literatuur. Een school kan ervoor kiezen literatuur afzonderlijk te becijferen of dit onderdeel meenemen in het cijfer voor de talen. Als het apart wordt becijferd, dan moet het cijfer worden opgenomen in het combinatiecijfer. In dat geval dienen de namen van de talen (dus zonder literatuur) te worden vermeld op de cijferlijst.
- • Het vak Godsdienst of levensbeschouwelijk vormingsonderwijs kan door bijzondere scholen worden toegevoegd aan het combinatiecijfer. Het gaat hier om één vak, maar de school kiest welke van beide benamingen wordt gehanteerd: godsdienst óf levensbeschouwelijk vormingsonderwijs. Niet te verwarren met het ‘grote’ vak godsdienst: een schooleigen vak dat de school alleen met toestemming van de minister als examenvak kan aanbieden.
- • Algemene natuurwetenschappen, dat bij het havo niet voorkomt in het gemeenschappelijke deel, kan bij die schoolsoort wel deel uitmaken van het vrije deel. De school kan dit ter keuze laten aan de examenkandidaat, maar kan ook besluiten om het vak verplicht te stellen voor alle examenkandidaten of voor examenkandidaten met een bepaald profiel. Het cijfer voor dit vak telt dan mee in het combinatiecijfer (volgens artikel 3.34, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020).
- • in plaats van de vermelding van het eerder behaalde cijfer wordt achter het profielwerkstuk ‘vr’ vermeld,
- • het profielwerkstuk wordt opnieuw gewaardeerd, of
- • de examenkandidaat maakt geen gebruik van zijn vrijstellingsrecht en levert een nieuw profielwerkstuk in.
- • zoals hierboven beschreven achter het profielwerkstuk ‘vr’ wordt vermeld
- • het vak maatschappijleer geen deel hoeft maken van het eindexamen/staatsexamen,
- • daarnaast ook geen aanvullende onderdelen deel uitmaken van het combinatiecijfer,
- • artikel 2.26 WVO 2020 (beroepsgerichte leerwegen),
- • artikel 2.27 WVO 2020 (gemengde leerweg),
- • artikel 2.25 WVO 2020 (theoretische leerweg).
- • Voor het vmbo-bb wordt als NLQF/EQF-niveau vermeld: NLQF1/EQF1
- • Voor het vmbo-kb, gl en tl wordt als NLQF/EQF-niveau vermeld: NLQF2/EQF2
- • de verdeling van de vakken/onderdelen en het aantal behorend tot het gemeenschappelijk, profiel- en (het minimum aantal van het) vrije deel,
- • welke vakken deel moeten/mogen uitmaken van een eindexamen/staatsexamen vmbo en worden vermeld op de cijferlijst,
- • In de basis- en de kaderberoepsgerichte leerweg wordt het combinatiecijfer gevormd door het rekenkundig gemiddelde van de eindcijfers voor de vier (of naar keuze meer) gevolgde beroepsgerichte keuzevakken.
- • In de gemengde leerweg wordt het combinatiecijfer gevormd door het rekenkundige gemiddelde van het eindcijfer profielvak en de eindcijfers voor de twee (of naar keuze meer) gevolgde beroepsgerichte keuzevakken. Het eindcijfer profielvak telt in deze berekening net zo vaak mee als het aantal eindcijfers van de beroepsgerichte vakken dat in de berekening wordt betrokken.