Bijlage III Verordening erkenningsvoorwaarden voor stamboeken, prestatieonderzoek en fokwaardeschatting (PVV) 2010: erkenningsvoorwaarden voor het uitvoeren dan wel reglementeren en uitvoeren van fokwaardeschatting behorend bij sartikel 3, onder c
Deze bepaling geldt niet voor zeldzame rassen.
- A. De organisatie heeft voorschriften vastgesteld voor de wijze waarop de fokwaardeschatting en de publicatie van de geschatte waarden worden verricht en de gegevens die in dat verband nodig zijn.
- B. De organisatie heeft voorschriften vastgesteld voor de wijze waarop de kwaliteit van de gegevens wordt geborgd.
- C. De fokwaardeschatting van een dier moet berekend worden aan de hand van de gegevens over de eigen prestatie en/of gegevens over de prestaties van verwante dieren.
- D. De statistische methoden die worden gebruikt voor de fokwaardeschatting moeten in overeenstemming zijn met de uitgangspunten van de bevoegde internationale organisaties en moeten garant staan voor een fokwaardeschatting die niet beïnvloed wordt door de belangrijkste milieufactoren of de gegevensstructuur.
- E. Alle gegevens die zijn verzameld ten behoeve van de fokwaardeschatting van een dier moet beschikbaar worden gesteld aan het productschap.
- F. De fokwaardeschatting moet gebeuren onder de verantwoordelijkheid van de erkende organisatie en moet de kenmerken omvatten in overeenstemming met het fokdoel. Dit fokdoel is opgesteld door de organisatie die erkend is voor het bijhouden of instellen van een stamboek voor het ras.
- G. Indien de organisatie erkenning aanvraagt voor het (laten) doen van fokwaardeschatting, dan moet de organisatie reeds erkend zijn voor het bijhouden of instellen van één of meer stamboeken voor runderen of buffels (Bijlage I) en voor prestatieonderzoek (Bijlage II), als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a. en b. Deze voorwaarde is niet van toepassing indien het een aanvraag betreft tot erkenning van de reglementering (en uitvoering) van fokwaardeschatting.
- H. Indien het een aanvraag tot erkenning betreft voor reglementering en uitvoering van fokwaardeschatting dan dient voldaan te zijn aan de voorwaarden van Bijlage I onderdelen A., B., C., P. en R..
- I. Indien het een aanvraag tot erkenning betreft voor reglementering en uitvoering van fokwaardeschatting, dan dient bij de vaststelling van de voorschriften voor fokwaardeschatting overeenstemming te zijn met de organisaties die erkend zijn voor het bijhouden van het stamboek voor het betreffende ras (volgens bijlage I) en de organisaties die erkend zijn voor het prestatieonderzoek van dieren van het betreffende ras (volgens bijlage II).
- J. Een organisatie volgt in het vaststellen van de voorschriften ten behoeve van de fokwaardeschatting van raszuivere runderen Beschikking 2006/427/EG (houdende vaststelling van methoden inzake prestatieonderzoek en van methoden voor de beoordeling van de genetische waarde van raszuivere fokrunderen).
- K. Bij de vaststelling van voorschriften voor fokwaardeschatting en publicatie dient afstemming plaats te vinden met de organisatie(s) waarvoor de schatting wordt uitgevoerd en die erkend zijn voor prestatieonderzoek (volgens bijlage II) en voor het bijhouden of instellen van één of meer stamboeken (volgens bijlage I).
- L. De organisatie heeft voorschriften vastgesteld om erfelijke gebreken te monitoren en te publiceren.
- M. Voor dieren die worden ingezet voor kunstmatige inseminatie (KI) moet een fokwaardeschatting worden uitgevoerd voor in ieder gevat de melkproductie voor dieren van melkrassen en de vleesproductie voor dieren van vleesrassen en de fokwaarden moeten worden gepubliceerd. Andere beschikbare fokwaarden moeten tevens worden gepubliceerd. Deze bepaling geldt niet voor zeldzame rassen.
- N. Indien het de fokwaardeschatting betreft van KI-stieren voor melkproductiekenmerken geldt dat:
- in de fokwaardeschatting voor melkproductiekenmerken zowel de melkhoeveelheid en de gehalten (vet- en eiwitpercentages) als alle andere beschikbare en van belang zijnde gegevens over de erfelijke aanleg voor melkproductiekenmerken moeten worden meegenomen;
- de minimale betrouwbaarheid van de fokwaardeschatting van KI-stieren van de melkrassen 0,5 moet zijn volgens de uitgangspunten van het ICAR hiervoor, waarbij rekening wordt gehouden met alle beschikbare gegevens van verwanten.
- O. De organisatie heeft een erkenning voor het bijhouden of instellen van één of meer stamboeken voor varkens (volgens bijlage I), en voor prestatieonderzoek (volgens bijlage III, als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a. en b..
- P. Bij de invulling van de fokwaardeschatting zijn de communautaire voorschriften bepalend. Zodoende dient de fokwaardeschatting in overeenstemming te zijn met Beschikking 89/507/EG (tot vaststelling van methoden inzake prestatieonderzoek en bepaling van de fokwaarde van raszuivere en hybride varkens).
- Q. De organisatie heeft een erkenning voor het bijhouden of instellen van één of meer stamboeken of registers voor schapen en geiten (volgens bijlage I), en voor prestatieonderzoek (volgens bijlage II), als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a. en b.
- R. Een organisatie volgt in het vaststellen van de voorschriften ten behoeve van de fokwaardeschatting van raszuivere schapen en/of geiten Beschikking 90/256/EG (houdende vaststelling van methoden inzake prestatieonderzoek en beoordeling van de genetische waarde van raszuivere fokschapen en -geiten).