Art. 1 Staatsexamenbesluit Nederlands als vreemde taal BES, Begripsbepalingen

Staatsexamenbesluit Nederlands als vreemde taal BES

In dit besluit wordt verstaan onder:

certificaat: een certificaat als bedoeld in artikel 15, tweede lid;

College voor toetsen en examens: College voor toetsen en examens, genoemd in artikel 2, eerste lid, van de Wet College voor toetsen en examens,

diploma: het diploma Nederlands als vreemde taal;

examen: het staatsexamen Nederlands als vreemde taal;

examenjaar: het tijdvak dat aanvangt op 1 januari van een jaar en eindigt op 31 december van dat jaar;

examenleider: degene die door het College voor toetsen en examens is belast met de leiding bij het afnemen van het examen;

examenonderdeel: een onderdeel van het examen als bedoeld in artikel 3, derde lid;

examenprogramma: het examenprogramma, bedoeld in artikel 7;

examenreglement: het examenreglement, bedoeld in artikel 9, tweede lid;

inspectie: de inspectie, bedoeld in de Wet op het onderwijstoezicht;

kandidaat: degene die aan een of meer examenonderdelen deelneemt;

Onze Minister: Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.