Bijlage 4 Regeling aanvraag en vergelijkende toets vergunningen kavels A7 en A8 in de FM-band en aanvraag vergunningen voor frequentieruimte in band III: als bedoeld in artikel 14, derde lid
Hierbij treft u het model voor het bedrijfsplan aan. Dit model bestaat uit acht hoofdstukken en drie bijlagen. Het bedrijfsplan bij de aanvraag dient minimaal deze acht hoofdstukken te bevatten op basis van de grondslagen en uitgangspunten uit bijlage A en B bij dit model bedrijfsplan. Het bedrijfsplan van de aanvrager gaat vergezeld van een financieel jaarverslag dat niet ouder is dan een jaar. Het financieel jaarverslag bestaat uit het jaarverslag, de jaarrekening en overige gegevens, waaronder de accountantsverklaring. Voor de aanvragende rechtspersoon die is opgericht na 1 januari 2011 geldt deze verplichting niet omdat dan de oprichtingsbalans, zoals deze naar voren moet komen uit hoofdstuk 8 en bijlage B2 van het bedrijfsplan, voldoende is voor een beoordeling van de financiële situatie waarin de aanvrager verkeert. De afzonderlijke hoofdstukken bevatten verschillende paragrafen. Deze paragrafen hebben tot doel de aanvrager handvatten te geven voor het opstellen van het bedrijfsplan. De paragraafindeling binnen de hoofdstukken wordt dwingend voorgeschreven. De aanvrager is wel vrij om paragrafen toe te voegen indien hij dat voor zijn bedrijfsplan noodzakelijk acht. De aanvrager is tevens verplicht om aan de hand van bijlage C positieve en negatieve scenario’s te geven. Per kavel dient een zelfstandig bedrijfsplan opgesteld te worden. De betreffende kavel en de naam van de aanvrager dienen op de voorpagina van het bedrijfsplan duidelijk te worden vermeld. Indien bepaalde passages binnen een bedrijfsplan of met andere delen van de aanvraag of met de bedrijfsplannen voor andere kavels overeenkomen, kan niet worden verwezen naar andere delen van de aanvraag of naar bedrijfsplannen voor andere kavels, maar moeten kopieën van deze passages worden opgenomen. Het bedrijfsplan geeft in beschrijvende, kwantitatieve en financiële zin de toekomstplannen en de toekomstmogelijkheden van de onderneming van de aanvrager weer. De beschrijvende elementen, de kwantitatieve eleme
- • Programmatisch voornemen en kavel
- • Doelgroep
- • Markt
- • Organisatie
- • Omzet en kosten
- • Investeringen
- • Financiering
- • demografische kenmerken (geslacht, leeftijd, inkomen, opleiding)
- • psychologische criteria (sociale klasse, levensstijl)
- • gedragscriteria (hoe vaak luistert men, wanneer luistert men)
- • het verband tussen de doelgroep en het programmatische voornemen
- • de aannames die worden gemaakt in de keuze van de doelgroep
- • in hoeverre deze aannames gevoelig zijn voor veranderingen
- • waarom voor deze doelgroep is gekozen
- • De clausuleringen van de verschillende landelijke FM-frequenties.
- • Een analyse van de huidige en toekomstige concurrentie op de markt.
- • Beschrijving van de concurrenten in aantal en in termen van doelgroep/format.
- • In welk opzicht is de eigen doelgroep c.q. programmatisch voornemen verschillend van de doelgroep c.q. programmatisch voornemen van de concurrenten.
- • Waar zit het concurrentievoordeel?
- • Welke strategie wordt gehanteerd om concurrenten voor te blijven?
- • Een inschatting van de luisteraarmarkt voor de gekozen doelgroep in verwachte luistertijdaandeel en luisterbereik voor de vergunningsperiode.
- • Op welke wijze identificeert de luisteraar zich met het radiostation?
- • Een inschatting van de adverteerdermarkt voor de gekozen doelgroep.
- • Wat zijn de drie grootste (potentiële) adverteerders?
- • Hoe zijn de adverteerders te typeren?
- • Welk verband is er tussen de inschatting van de luisteraarmarkt en de adverteerdermarkt?
- – de personele structuur (redactie, programmamakers);
- – de regeling van de interne onderlinge verantwoordelijkheden in een programmastatuut;
- – intentieverklaringen/overeenkomsten met derden voor de inzet van expertise en dienstverlening voor de productie van programma’s;
- – intentieverklaringen/overeenkomsten met derden voor de verwerving van uitzendrechten van programmaonderdelen.
- • marketing/sales
- • programmering
- • administratie
- • personeelszaken
- • beheer
- • werkkapitaal
- • investeringen, waaronder financieel instrument
- • aanloopverliezen
- • financieel bod en het financieel instrument
- • eigen vermogen
- • lang vreemd vermogen
- • bankkrediet
- • overige financieringsmiddelen
- • garanties
- • achtergestelde lening
- • cash flow (winst en afschrijving)
- • investeringen
- • mutaties werkkapitaal
- • aflossing leningen