Art. 2.5 Regeling lozen buiten inrichtingen, Lozen ten gevolge van werkzaamheden aan vaste objecten in of nabij een oppervlaktewaterlichaam
Regeling lozen buiten inrichtingen
1. Als reinigingswerkzaamheden als bedoeld in artikel 3.10, tweede lid, van het besluit worden aangewezen:
a. R1-technieken;
b. R2-technieken;
c. R3-technieken;
d. R4-technieken;
e. R5-technieken.
2. Als R1-technieken worden aangemerkt:
a. afwassen met water;
b. schoonspuiten met water onder een druk van ten hoogste 200 bar zonder toevoeging van ontvetters;
c. stoomreinigen onder een druk van ten hoogste 200 bar zonder toevoeging van ontvetters;
d. ontvetten met doeken en een ontvetter.
3. Als R2-technieken worden aangemerkt:
a. bevochtigd handmatig schuren met schuurpapier of met een handschuurapparaat;
b. borstelen;
c. beitelen;
d. bikken;
e. schrapen;
f. steken;
g. slijpen;
h. branden;
i. afkrabben;
j. gebruiken van naaldhamer of bikhamer;
k. schuren of borstelen met roterende schuurmachines met bronafzuiging;
l. mobiel werpstralen;
m. vacuümstralen met bronafzuiging;
n. afblazen met perslucht tot 8 bar.
4. Als R3-technieken worden aangemerkt:
a. droog aanstralen;
b. droog integraal stralen;
c. integraal opruwen door stralen;
d. roestvrij maken van oppervlakken door stralen of ministralen;
e. droog ijs- of CO2-stralen.
5. Als R4-technieken worden aangemerkt:
a. chemisch reinigen;
b. chemisch ontvetten;
c. schoonspuiten met water met toevoeging van ontvetters;
d. stoomreinigen met toevoeging van ontvetters.
6. Als R5-technieken worden aangemerkt:
a. watergritreinigen;
b. lage druk watergritstralen;
c. lage druk vochtig stralen;
d. handmatig hoge druk water(grit)stralen;
e. mechanisch hoge druk water(grit)stralen.