Art. 5.3 Besluit lozen buiten inrichtingen, Algemeen overgangsrecht

Besluit lozen buiten inrichtingen

1. Indien op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 2.1 nog niet is beslist op een aanvraag om een vergunning op grond van artikel 6.2 van de Waterwet of artikel 1 van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren en dit besluit op dat lozen van toepassing is, wordt de aanvraag om de vergunning aangemerkt als een melding overeenkomstig artikel 1.10 voor zover het lozen bij of krachtens de in hoofdstuk 3 van dit besluit gestelde voorschriften is toegestaan.

2. Indien op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 2.1 nog niet is beslist op een aanvraag om een ontheffing op grond van de artikelen 14, tweede lid, 24, tweede lid, en 25, tweede lid van het Lozingenbesluit bodembescherming en dit besluit op dat lozen van toepassing is, wordt de aanvraag om de ontheffing aangemerkt als:

a. een melding overeenkomstig artikel 1.10 voor zover het lozen bij of krachtens de in hoofdstuk 3 van dit besluit gestelde voorschriften is toegestaan;

b. een verzoek tot het stellen van een maatwerkvoorschrift als bedoeld in artikel 2.2, derde lid, voor zover het lozen niet bij of krachtens de in het hoofdstuk 3 van dit besluit gestelde voorschriften is toegestaan.