Art. 1.2 Besluit lozen buiten inrichtingen, Begripsbepalingen, reikwijdte en procedurele bepalingen
Besluit lozen buiten inrichtingen
1. Dit besluit is van toepassing op lozen anders dan vanuit een inrichting, met uitzondering van:
a. lozen als bedoeld in artikel 6.1 van de Waterwet, waarvoor op grond van artikel 1.3, onderdelen a en b, geen vrijstelling is verleend;
b. in een oppervlaktewaterlichaam:
1°. in een werk aanbrengen of houden van bouwstoffen;
2°. aanbrengen, verspreiden of tijdelijk opslaan van grond of baggerspecie alsmede het houden van die aangebrachte of tijdelijk opgeslagen grond of baggerspecie;
3°. lozen ten gevolge van het toepassen van bouwstoffen, grond of baggerspecie, waarop het Besluit bodemkwaliteit van toepassing is;
c. lozen waarop het Activiteitenbesluit milieubeheer van toepassing is;
d. lozen waarop het Besluit lozing afvalwater huishoudens van toepassing is;
e. lozen waarop het Scheepsafvalstoffenbesluit Rijn- en binnenvaart van toepassing is, en
f. lozen waaraan regels zijn gesteld bij of krachtens de Mijnbouwwet.
2. Degene die loost voldoet aan de bij of krachtens dit besluit gestelde regels.