Art. 2.69 Uitvoeringsregeling Douane- en Accijnswet BES, Geautoriseerde marktdeelnemer
Uitvoeringsregeling Douane- en Accijnswet BES
1. De veiligheidsnormen van de aanvrager, bedoeld in artikel 2.26, eerste lid, onderdeel e, van het besluit, worden passend geacht indien aan de volgende voorwaarden is voldaan:
a. de gebouwen, die voor de door de vergunning te dekken activiteiten worden gebruikt, zijn gemaakt van materialen, die verhinderen dat onbevoegden zich hiertoe onrechtmatig toegang kunnen verschaffen;
b. passende toegangscontrolemaatregelen zijn genomen om onrechtmatige toegang tot verzendingsruimten, los- en laadkades en los- en laaddekken te voorkomen;
c. maatregelen zijn genomen om het toevoegen, omwisselen of wegnemen van materialen of andere manipulaties van de goederen bij het laden, lossen, de op- en overslag te voorkomen;
d. indien van toepassing, procedures gelden voor de behandeling van in- en/of uitvoervergunningen die verband houden met verboden en beperkingen en om goederen van elkaar te onderscheiden;
e. de aanvrager maatregelen heeft genomen om zijn handelspartners duidelijk te kunnen identificeren met het oog op de veiligheid van de internationale toeleveringsketen;
f. de aanvrager onderwerpt sollicitanten voor veiligheidsgevoelige functies aan veiligheidsonderzoeken, voor zover de wetgeving dit toelaat, en verricht regelmatig achtergrondcontroles; en
g. de aanvrager ziet erop toe dat de betrokken werknemers actief aan programma’s inzake veiligheidsbewustzijn meewerken.