Art. 25 Subsidieregeling NER 300, RES-projecten
1. De minister beslist afwijzend op een aanvraag indien de aanvraag niet voldoet aan:
a. deze paragraaf;
b. de vereisten, bedoeld in bijlage I, onderdeel B, bij het NER-besluit.
2. De minister beslist afwijzend op een aanvraag indien:
a. onvoldoende vertrouwen bestaat dat de aanvrager het RES-project naar behoren kan uitvoeren;
b. onvoldoende vertrouwen bestaat dat de aanvrager voldoende financiële draagkracht en stabiliteit kan waarborgen;
c. onvoldoende vertrouwen bestaat in de haalbaarheid van het RES-project.