Art. 11 Regeling digitaal beheer BES

Regeling digitaal beheer BES

• 1. De zorgdrager draagt zorg voor het vastleggen en de bewaring van tenminste de volgende gegevens:

• a. de benaming van de toepassingsprogrammatuur waarmee de archiefbescheiden zijn ontvangen en opgemaakt, inclusief het versienummer;

• b. de beschrijving van het platform, met naam en versie van de besturingsprogrammatuur en naam en type van de apparatuur;

• c. de documentatie die aangeeft hoe de toepassingsprogrammatuur heeft gewerkt met inbegrip van de nieuwere versies;

• d. een beschrijving van de opgeslagen bestanden, omvattende tenminste de volgende gegevens:

• e. de naam van het overheidsorgaan dat, en de benaming van het werkproces binnen hetwelk de archiefbescheiden zijn ontvangen of opgemaakt;

• f. de benaming en omvang van elk opgeslagen bestand;

• g. een specificatie van de archiefbescheiden, met begin- en einddatum;

• h. de relatie met andere bestanden;

• i. het opslagformaat;

• j. in voorkomende gevallen de toegepaste compressiemethode;

• k. de datum en het tijdstip van de opslag van het bestand op de gegevensdrager;

• l. in geval van een database: de documentatie over de structuur, tenminste omvattende een compleet logisch datamodel met beschrijving van de entiteiten.

• 2. Op de vastlegging en bewaring, bedoeld in het eerste lid, zijn de voor archiefbescheiden ingevolge artikel 12 van de Archiefwet BES geldende regels van overeenkomstige toepassing.