Art. 59 BW BES Boek 5, Bevoegdheden en verplichtingen van eigenaars van naburige erven
Burgerlijk Wetboek BES Boek 5 (BW BES Boek 5)
1. Wanneer de grens van twee erven in de lengterichting onder een sloot, rooi of dergelijke watergang doorloopt, heeft de eigenaar van elk van die erven met betrekking tot die watergang in zijn gehele breedte dezelfde bevoegdheden en verplichtingen als een mede-eigenaar. Iedere eigenaar is verplicht de op zijn erf gelegen kant van het water, de sloot, de rooi of de watergang te onderhouden.
2. Iedere eigenaar is gerechtigd en verplicht hetgeen tot onderhoud daaruit wordt verwijderd, voor zijn deel op zijn erf te ontvangen.
3. Een door de eigenaars overeengekomen afwijkende regeling is ook bindend voor hun rechtverkrijgenden.