Art. 1066 BW BES Boek 4, Van het recht van beraad en het voorrecht van boedelbeschrijving
Burgerlijk Wetboek BES Boek 4 (BW BES Boek 4)
1. De erfgenaam, die de nalatenschap onder het voorrecht van boedelbeschrijving heeft aanvaard, kan niet vroeger in zijn eigen goederen worden aangesproken, dan nadat hij, tot het afleggen zijner rekening zijnde aangemaand, mocht zijn in gebreke gebleven aan die verplichting te voldoen.
2. Na het aanzuiveren der rekening zijn zijn eigen goederen alleen aansprakelijk voor de voldoening der geldsommen, welke, van de nalatenschap afkomstig, in zijn handen zijn gekomen.