Art. 22 Onteigeningswet BES, Van het geding tot onteigening
Ten minste drie dagen vóór de verschijning, legt de onteigenende partij, tot staving van haar eis, ter griffie van het betrokken gerecht over:
1°. een exemplaar van de Staatscourant, waarin is openbaar gemaakt het koninklijk besluit, waarbij de te onteigenen onroerende zaken en rechten worden aangewezen;
2°. een door de gezaghebber afgegeven bewijs, dat de commissie tot het aanhoren van de bezwaren van de belanghebbenden zitting gehouden heeft in het openbaar lichaam, waarbinnen de te onteigenen onroerende zaak of de onroerende zaak waarop het te onteigenen recht rust; in dat bewijs wordt vermeld in welk nieuws- of advertentieblad en op welk tijdstip vorenbedoelde zitting is aangekondigd;
3°. een door de gezaghebber afgegeven bewijs, dat de uitgewerkte plannen met de daarbij behorende kaarten en grondtekeningen, overeenkomstig artikel 13, ten kantore van de gezaghebber gelegen hebben.