Bijlage 4 Regeling financiële markten BES 2010: voorschriften toezicht op beleggingsinstellingen en administrateurs
Regeling financiële markten BES 2010
In deze voorschriften wordt verstaan onder: Het dagelijks beleid binnen de beleggingsinstelling en binnen de bewaarder dient door ten minste twee personen te worden bepaald. De eventuele Raad van Commissarissen moet uit ten minste drie leden bestaan. De beleggingsinstelling stelt, indien aan deze bepaling niet wordt voldaan, de Bank hiervan terstond in kennis en draagt er zorg voor dat aan deze bepaling wordt voldaan. De administratieve organisatie van de beleggingsinstelling en, voor zover het de in bewaring gegeven activa betreft, van de bewaarder dient zodanige waarborgen te bieden dat grootte en samenstelling van en mutaties in het vermogen van de beleggingsinstelling getrouw en volledig worden verantwoord. De beleggingsinstelling waarvan de deelnemingsrechten op verzoek van de deelnemers door haar vrij ingekocht en verkocht worden, dient haar intrinsieke waarde ten minste zo vaak te berekenen als de in- en verkoop van de deelnemingsrechten is toegelaten, doch tenminste maandelijks. Het dagelijks beleid binnen de administrateur dient door ten minste twee personen te worden bepaald en indien aanwezig de Raad van Commissarissen uit ten minste drie leden moet bestaan. De administrateur stelt, indien aan deze bepaling niet wordt voldaan, de Bank hiervan terstond in kennis en draagt er zorg voor dat aan deze bepaling wordt voldaan. De administratieve organisatie en interne controle van de administrateur dienen zodanige waarborgen te bieden dat er geen gevaar bestaat dat de belangen van de belanghebbenden zullen worden geschaad. Bij de aanvraag van een vergunning dient de administrateur over te leggen: Deze voorschriften zijn in werking getreden per 1 januari 2003. De Bijlagen A en B behoren bij de voorschriften ter uitvoering van het toezicht op beleggingsinstellingen en administrateurs. Bijlage A behelst minimumeisen voor het geheel van statuten, reglementen en overige voorwaarden van beheer en bewaring. Het zal niet steeds voldoende zijn om de inhoud van Bijlage A
- a) de landsverordening: de Landsverordening toezicht beleggingsinstellingen en administrateurs (P.B. 2002, no. 137);
- b) de Bank: de Bank van de Nederlandse Antillen;
- c) de voorwaarden van de beleggingsinstelling: de statuten van de beleggingsmaatschappij, het reglement van het beleggingsfonds, de overeenkomst tussen de beleggingsinstelling en de bewaarder ter zake van beheer en bewaring alsmede alle overige voorwaarden van beheer en bewaring;
- d) grote belegger: een natuurlijk persoon of rechtspersoon die rechtstreeks of middellijk tenminste 25 procent bezit van de niet ingekochte uitstaande deelnemingsrechten of van de stemrechten van een beleggingsinstelling, haar beheerder of haar dochtermaatschappijen, of een natuurlijk persoon of rechtspersoon die rechtstreeks of middellijk een daarmee vergelijkbare zeggenschap kan uitoefenen in een beleggingsinstelling, haar beheerder of haar dochtermaatschappijen. Met een grote belegger wordt gelijkgesteld een natuurlijk persoon of rechtspersoon wiens deelnemingsrechten, stemrechten of vergelijkbare zeggenschap rechtstreeks of middellijk minder bedragen dan 25 procent, maar die tezamen met een of meer anderen dat percentage bereikt, indien hij en die anderen een gemeenschappelijk beleid voeren bij de uitoefening van hun stemrechten of de vergelijkbare zeggenschap.
- 1. Een bestuurder, en indien aanwezig, een lid van de Raad van Commissarissen van de beleggingsinstelling of de bewaarder dient naar het oordeel van de Bank voldoende deskundig te zijn in verband met de bedrijfsvoering van de beleggingsinstelling respectievelijk de bewaarder. Onder bestuurder wordt begrepen een ieder die de beleggingsinstelling of bewaarder krachtens wet, statuten of reglementen vertegenwoordigt dan wel binnen de beleggingsinstelling respectievelijk binnen de bewaarder het beleid of dagelijks beleid bepaalt of medebepaalt.
- 2. Op grond van de voornemens en antecedenten van de in het eerste lid bedoelde personen en van overige personen die middellijk of onmiddellijk bevoegd zijn bestuurders, als bedoeld in het eerste lid, van de beleggingsinstelling respectievelijk de bewaarder te benoemen of te ontslaan, moet naar het oordeel van de Bank niet waarschijnlijk zijn dat ernstig gevaar bestaat dat de belangen van de deelnemers zullen worden geschaad of dat in strijd met het bij of krachtens de landsverordening bepaalde, zal worden gehandeld.
- 3. Een voorgenomen benoeming van personen als bedoeld in het eerste lid dient aan de Bank te worden gemeld. Deze benoeming kan niet rechtsgeldig geschieden dan nadat de Bank zijn goedkeuring heeft verleend.
- 1. De beleggingsinstelling dient te beschikken over een eigen vermogen van ten minste NAf. 500.000,– of een gelijkwaardig bedrag in een andere valuta. De beleggingsinstelling dient, indien het eigen vermogen minder bedraagt dan dit bedrag, de Bank hiervan terstond in kennis te stellen.
- 2. De bewaarder dient te beschikken over een eigen vermogen van ten minste NAf. 250.000,– of een gelijkwaardig bedrag in een andere valuta. De belegginsinstelling danwel de bewaarder dient, indien het eigen vermogen van de bewaarder minder bedraagt dan dit bedrag, de Bank hiervan terstond in kennis te stellen.
- 3. De bewaarder dient voldoende zekerheid te stellen met het oog op de aansprakelijkheid voor schade die voor de bewaarder kan voortvloeien uit brand, vervoer van geld en waardepapieren, fraude en beroving. De beleggingsinstelling dan wel de bewaarder dient, indien wijziging in de zekerheid tot gevolg hebben dat de zekerheid niet langer voldoende is, de Bank hiervan terstond in kennis te stellen.
- 1. De voorwaarden van de beleggingsinstellingen dienen ten minste te bepalen hetgeen staat vermeld in de bij deze voorschriften behorende Bijlage A.
- 2. Indien aan de beleggingsinstelling een bewaarder is verbonden, dient tussen de beleggingsinstelling en de bewaarder een overeenkomst ter zake van beheer en bewaring te zijn gesloten waarbij partijen zich verplichten de voorwaarden als bedoeld in het eerste lid na te komen, voor zover deze voorwaarden betrekking hebben op de verhouding tussen de beleggingsinstelling en de bewaarder.
- 3. De Bank is bevoegd nadere eisen aan de voorwaarden van de beleggingsinstelling te stellen indien de beleggingsinstelling een derde bij overeenkomst met taken inzake de administratie, inkoop, verkoop of bewaarneming van de door haar uitgegeven deelnemingsrechten belast.
- 1. De beleggingsinstelling dient een prospectus beschikbaar te hebben over het aanbod van de beleggingsinstelling.
- 2. Het prospectus dient de gegevens te bevatten die voor de beleggers noodzakelijk zijn om zich een verantwoord oordeel te kunnen vormen over het aanbod van de beleggingsinstelling en dient daartoe ten minste de gegevens te bevatten als bedoeld in de bij deze voorschriften behorende Bijlage B.
- 3. Bij aanbod van haar rechten van deelneming buiten een besloten kring dan wel bij de schriftelijke aankondiging dat een aanbod buiten een besloten kring zal worden gedaan, dient de beleggingsinstelling uiterlijk op de dag voor de dag van uitgifte, van openstelling van deelneming of van de schriftelijke aankondiging van openstelling, een prospectus kosteloos algemeen verkrijgbaar te stellen. In iedere bekendmaking waarin deelnemingsrechten worden aangeboden, worden de plaatsen vermeld waar het prospectus voor het publiek verkrijgbaar is.
- 4. De beleggingsinstelling dient de gegevens in het prospectus die van wezenlijk belang zijn, te actualiseren zodra daartoe aanleiding bestaat.
- 5. Op de ingevolge het vierde lid te verstrekken gegevens is lid twee van overeenkomstige toepassing.
- 6. Het prospectus en de geactualiseerde gegevens mogen pas verkrijgbaar worden gesteld aan het publiek na de voorafgaande toezending aan de Bank.
- 7. Ten aanzien van het prospectus als bedoeld in het eerste en tweede lid is de Bank bevoegd om te verlangen dat het prospectus in één of meer door de Bank te bepalen talen moet worden gesteld, indien, gelet op de voorgenomen verspreiding van het prospectus, zulks naar het oordeel van de Bank noodzakelijk is voor een adequate informatieverschaffing aan het publiek.
- 1. Bij de aanvraag van een vergunning dient de beleggingsinstelling over te leggen:
- a) de uittreksels van de Kamer van Koophandel;
- b) de namen van de personen als bedoeld in artikel 2, alsmede stukken en gegevens op basis waarvan de Bank kan beoordelen of deze personen voldoen aan de vereisten als bedoeld in artikel 2;
- c) een verklaring van een externe accountant of een jaarrekening over het laatst verstreken boekjaar voorzien van een verklaring van een externe accountant, ten bewijze dat aan de vereisten in het eerste lid en tweede lid van artikel 3 is voldaan;
- d) gegevens en bescheiden ten bewijze dat aan het vereiste in het derde lid van artikel 3 is voldaan;
- e) de voorwaarden van de beleggingsinstelling als bedoeld in artikel 5, eerste lid, en, indien van toepassing, de overeenkomst als bedoeld in artikel 5, tweede lid;
- f) het prospectus als bedoeld in artikel 8, eerste lid, en in voorkomende gevallen gegevens waaruit de toepasselijkheid van artikel 8, derde of vierde lid, blijkt;
- g) voor zover verschenen, de jaarrekeningen over de laaste drie boekjaren en op die jaren betrekking hebbende verklaringen, en de laatste halfjaarscijfers;
- h) gegevens waaruit blijkt dat wordt voldaan aan de vereisten als bedoeld in artikel 4, tweede lid en artikel 6 van de landsverordening, voor zover deze bepalingen van toepassing zijn;
- i) overige gegevens en bescheiden die de Bank naar zijn oordeel redelijkerwijs nodig heeft in het belang van de beoordeling van de aanvraag;
- j) een bewijs van betaling van de niet opeisbare aanmeldingsfee.
- 2. Ter voldoening aan het eerste lid, onder c, kunnen de aldaar bedoelde gegevens en bescheiden rechtstreeks door de bewaarder aan de Bank worden overgelegd.
- 1. De beleggingsinstelling dient bij de Bank op een kwartaal basis rapportagestaten nopens haar bedrijf in te dienen bevattend de volgende gegevens:
- a) de balans en winst- en verliesrekening van de beleggingsinstelling;
- b) mutatie-overzichten van het eigen vermogen van de beleggingsmaatschappij of van het vermogen van het beleggingsfonds alsmede van de beleggingen;
- c) de intrinsieke waarde van de beleggingsinstelling, het aantal uitstaande deelnemingsrechten en de intrinsieke waarde per recht van deelneming.
- 2. De Bank kan een beleggingsinstelling opdragen een verklaring van een externe accountant met betrekking tot de in het eerste lid bedoelde gegevens over te leggen.
- 3. De vorm waarin de in het eerste lid bedoelde gegevens moeten worden opgemaakt, de tijdstippen waarop zij betrekking moeten hebben en de termijnen waarbinnen zij moeten worden ingediend, zijn in de door de Bank uitgevaardigde rapportagerichtlijnen bepaald.
- 4. De beleggingsinstelling dient jaarlijks een jaarrekening en een jaarverslag van de beleggingsinstelling op te stellen. Jaarlijks binnen vier maanden na afloop van het boekjaar dient de beleggingsinstelling haar jaarrekening voorzien van een accountantsverklaring kosteloos aan de deelnemers verkrijgbaar te stellen. De accountantsverklaring dient in te houden dat de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de grootte en de samenstelling van het vermogen van de beleggingsinstelling en van het resultaat over het desbetreffende boekjaar.
- 5. Gelijktijdig met de openbaarmaking als bedoeld in het vierde lid, dient de beleggingsinstelling opgave te doen van de plaats waar de jaarrekening alsmede het jaarverslag voor de deelnemers verkrijgbaar zijn aan het adres van iedere deelnemer of, indien deze adresgegevens onbekend zijn, op de website van de beleggingsinstelling, of, indien de beleggingsinstelling geen website heeft, in een advertentie in een prijscourant van de effectenbeurs waaraan de deelnemingsrechten in de beleggingsinstelling zijn genoteerd. Tevens dient de beleggingsinstelling gelijktijdig met de openbaarmaking binnen dezelfde voorgenoemde periode een afschrift van de jaarrekening, jaarverslag en directiebrieven aan de Bank te zenden.
- 6. Jaarlijks binnen twee maanden na afloop van de eerste helft van het boekjaar, dient de beleggingsinstelling de halfjaarcijfers van de beleggingsinstelling openbaar te maken en dient deze voor de deelnemers kosteloos verkrijgbaar te stellen. Gelijktijdig met de openbaarmaking dient de beleggingsinstelling binnen dezelfde voorgenoemde periode een afschrift van de halfjaarcijfers aan de Bank te sturen.
- 1. De toelichting op de balans en de winst- en verliesrekening dient ten minste de volgende gegevens te bevatten:
- a) Een sluitend overzicht van het verloop gedurende het boekjaar van de beleggingen waarbij de beleggingen worden onderscheiden naar soort;
- b) De samenstelling van de beleggingen per het einde van het boekjaar, uitgesplitst volgens maatstaven die het best passen bij het beleggingsbeleid van de instelling;
- c) Een vergelijkend overzicht over de laatste drie jaren van de intrinsieke waarde van de beleggingsinstelling, het aantal uistaande rechten van deelneming en de intrinsieke waarde per recht van deelneming, een en ander per het einde van het boekjaar;
- d) Een mededeling in hoeverre beleggingen, met uitzondering van beleggingen in effecten die tot de notering aan een effectenbeurs zijn toegelaten, door een beëdigde taxateur zijn getaxeerd, volgens welke methode de taxatie heeft plaatsgevonden, alsmede de regelmaat waarmee deze taxaties worden verricht;
- e) Het bedrag der verplichtingen, onderscheiden naar soort per het einde van het boekjaar, die voortvloeien uit dekkingstransacties met betrekking tot koers- en wisselkoersrisico in verband met de beleggingen, voor zover een en ander niet reeds in de balans en winst- en verliesrekening is begrepen;
- f) Een gespecificeerde opgave van de beleggingen van de beleggingsinstelling indien voor 20% of meer in het vermogen van de afzonderlijke beleggingen wordt deelgenomen.
- 2. De beleggingsinstelling dient tevens onder de overige gegevens in de jaarrekening aan te geven:
- a) Het totale persoonlijke belang dat de leden van de directie en, indien aanwezig, van de raad van commissarissen van de beleggingsinstelling bij een belegging van de beleggingsinstelling hebben of op enig moment gedurende het boekjaar hebben gehad;
- b) Het totale aantal grote beleggers dat in haarzelf of haar dochtermaatschappijen heeft belegd;
- c) Het totale aantal transacties van haarzelf of haar dochtermaatschappijen met de grote beleggers alsmede het totale bedrag dat met deze transacties is gemoeid.
- 3. De verplichting bedoeld in het tweede lid, onder c, geldt niet voor transacties terzake van de aan- en verkoop van deelnemingsrechten in de beleggingsinstelling of haar dochtermaatschappijen en ook niet voor transacties terzake van de aan- en verkoop van effecten die genoteerd zijn op een algemeen erkende effectenbeurs. Bij de vermelding dient een splitsing te worden aangebracht tussen transacties die de beleggingsportefeuille van de beleggingsinstelling betreffen en overige transacties.
- 4. Indien de beleggingsinstelling aan een van de in het tweede lid, onder b en c, genoemde informatievereisten niet kan voldoen, dient zij dit te vermelden onder de overige gegevens in de jaarrekening.
- 5. De informatievereisten, bedoeld in het tweede lid, onder b en c, ten aanzien van dochtermaatschappijen, gelden niet indien de beleggingsinstelling de enige grote belegger in haar dochtermaatschappij is.
- 1. De halfjaarcijfers van de beleggingsinstelling als bedoeld in artikel 10, zesde lid, dienen ten minste de volgende gegevens te bevatten:
- a) De balans en winst- en verliesrekening, alsmede een mutatie-overzicht van het eigen vermogen van de beleggingsmaatschappij of van het vermogen van het beleggingsfonds;
- b) Een overzicht van de samenstelling van de beleggingsportefeuille als bedoeld in artikel 11, eerste lid, onder b;
- c) Een opgave van de intrinsieke waarde van de beleggingsinstelling, het aantal uitstaande deelnemingsrechten en de intrinsieke waarde per recht van deelneming;
- d) De gegevens, bedoeld in artikel 11, tweede lid, onder b en c, waarbij artikel 11, vierde lid, van overeenkomstige toepassing is;
- e) Indien van toepassing, de vermelding, bedoeld in artikel 11, derde lid. Een en ander per het einde van de eerste helft van het boekjaar;
- 2. Wanneer de beleggingsinstelling een interim-dividend heeft uitgekeerd of voornemens is dat te doen, dient hiervan in de halfjaarcijfers melding te worden gemaakt.
- 3. Indien de halfjaarcijfers door een accountant zijn onderzocht, dient zijn verklaring bij de in het eerste lid bedoelde stukken te worden gevoegd.
- 1. Een bestuurder, en indien aanwezig, een lid van de Raad van Commissarissen van de administrateur dient naar het oordeel van de Bank voldoende deskundig te zijn in verband met de bedrijfsvoering van de administrateur. Onder bestuurder wordt begrepen een ieder die de administrateur krachtens wet, statuten of reglementen vertegenwoordigt dan wel binnen de administrateur het beleid of dagelijks beleid bepaalt of medebepaalt.
- 2. Op grond van de voornemens en antecedenten van de in het eerste lid bedoelde personen en van overige personen die middellijk of onmiddellijk bevoegd zijn bestuurders, als bedoeld in het eerste lid, van de administrateur te benoemen of te ontslaan, moet naar het oordeel van de Bank niet waarschijnlijk zijn dat ernstig gevaar bestaat dat de belangen van de belanghebbenden zullen worden geschaad of dat in strijd met het bij of krachtens de landsverordening bepaalde, zal worden gehandeld.
- 3. Een voorgenomen benoeming van personen als bedoeld in het eerste lid dient aan de Bank te worden gemeld. Deze benoeming kan niet rechtsgeldig geschieden dan nadat de Bank zijn goedkeuring heeft verleend.
- 1. De administrateur dient overeenkomsten ter zake van administratie, beheer, en/of bestuur te sluiten met alle beleggingsinstellingen waarvoor zij administratieve diensten verrichten, waarbij de partijen zich verplichten de bepalingen in de overeenkomsten na te komen.
- 2. Indien de administrateur alle of een gedeelte van de door haar te verrichten administratieve diensten uitbesteedt aan een derde, dient er een overeenkomst gesloten te worden tussen de administrateur en de andere partij.
- a) de uittreksels van de Kamer van Koophandel;
- b) de namen van de personen als bedoeld in artikel 13, alsmede stukken en gegevens op basis waarvan de Bank kan beoordelen of deze personen voldoen aan de vereisten als bedoeld in artikel 13;
- c) de statuten van de administrateur;
- d) een verklaring van een accountant met betrekking tot het kapitaal op het moment van vergunningaanvraag, of een gecertificeerde jaarrekening over de laatste drie verstreken boekjaar en indien van toepassing, een gecertificeerde jaarrekening van de moederinstelling over de laatste drie verstreken boekjaar;
- e) gegevens over de groepsstructuur van de administrateur, voor zover het van toepassing is;
- f) een ondernemingsplan, alleen van toepassing op recent gevestigde administrateurs;
- g) een beschrijving van het raamwerk ten aanzien van de administratieve organisatie met inbegrip van een adequate financiële administratie en interne controle;
- h) exemplaar van administratieve, bestuurlijke en beheerovereenkomsten alsmede, indien van toepassing, overeenkomsten met derden waaraan de administrateur haar administratieve diensten uitbesteedt;
- i) overige gegevens en bescheiden die de Bank naar zijn oordeel redelijkerwijs nodig heeft in het belang van de beoordeling van de aanvraag;
- j) een bewijs van betaling van de niet opeisbare aanmeldingsfee.
- 1. De administrateur dient bij de Bank op een kwartaal basis een compliance rapport nopens haar bedrijf in te dienen.
- 2. De Bank kan een administrateur opdragen een verklaring van een externe accountant met betrekking tot de in het eerste lid bedoelde over te leggen.
- 3. De vorm waarin de in het eerste lid bedoelde compliance rapport moet worden opgemaakt, de tijdstippen waarop het rapport betrekking moet hebben en de termijnen waarbinnen het rapport moet worden ingediend, zijn in de door de Bank uitgevaardigde rapportagerichtlijnen bepaald.
- 4. De administrateur dient jaarlijks een jaarrekening op te stellen. Jaarlijks binnen vier maanden na afloop van het boekjaar dient de administrateur haar jaarrekening voorzien van een accountantsverklaring alsmede de directiebrieven bij de Bank in te dienen. De accountantsverklaring dient in te houden dat de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de grootte en samenstelling van het vermogen van de administrateur en van het resultaat over het desbetreffende boekjaar.
- 2.4 De mededeling van de accountant impliceert de feitelijke constatering dat het prospectus de gegevens bevat conform de voorschriften ter uitvoering van het toezicht op beleggingsinstellingen en administrateurs.
- 3.2 Indien geen letterlijke weergave van de hier gevraagde teksten wordt gegeven, kan met een samenvatting daarvan worden volstaan. De samenvatting dient wel gedegen te zijn, dat wil zeggen dat geen belangrijke informatie wordt onthouden en dat de gegeven informatie geen onduidelijkheden bevat. Uiteraard kan de samenvatting gepaard gaan met een overdruk van de belangrijkste bepalingen uit de hier genoemde stukken met betrekking tot doel en rechtsvorm van de instelling, de rechten van de deelnemers en benoeming van bestuursleden.
- 3.5 Aangegeven moet worden of de deelnemingsrechten zijn belichaamd in originele stukken, certificaten dan wel in inschrijvingen in een register van participanten; of de deelnemingsrechten op naam staan of aan toonder luiden met de vermelding van de coupureomvang; welke de rechten zijn die aan de deelnemingsrechten zijn verbonden alsmede of ter zake van de overdraagbaarheid en verhandelbaarheid van die rechten beperkingen bestaan, en zo ja waaruit deze beperkingen bestaan.
- 3.6 Aangegeven moet worden of de instelling van het open- of closed-end type is; of de uitgifte van deelnemingsrechten doorlopend of periodiek plaatsvindt; de periode waarin inschrijving openstaat; de koers van uitgifte en de betaling van de uitgifteprijs en eventuele kosten die in rekening worden gebracht; of bij de uitgifte gebruik wordt gemaakt van tussenpersonen alsmede of de uitgifte kan worden opgeschort, en zo ja in welke gevallen.
- 3.7 Vermeld moeten worden de termijn waarbinnen terugbetaling uiterlijk kan geschieden, de wijze van inlevering van de deelnemingsrechten, de wijze van terugbetaling en de kosten die daarop in mindering worden gebracht alsmede of de terugbetaling kan worden opgeschort, en zo ja in welke gevallen. Deze verplichting geldt niet voor closed-end instellingen.
- 3.10 De vermelding van vergoedingen en onkosten dient een specificatie te bevatten van de onderscheiden factoren die de vergoedingen en onkosten vormen, zoals managementkosten, administratie- en drukkosten. Het is toegestaan deze bedragen per categorie te totaliseren en te salderen.
- 3.18 De beschrijving dient aan te geven op welke wijze de nettowinst en winstuitkering worden bepaald; of de winst kan worden bestemd voor herbelegging; of winstuitkering plaatsvindt in contanten of deelnemingsrechten.
- 3.21 De gegevens dienen inzicht te verschaffen in de fiscale positie van de instelling in het kader van de toepasselijke fiscale wetgeving alsmede over de daarmee verband houdende status van de winst van de instelling. Indien het vaststaat dat het toepasselijke belastingstelsel zal worden gewijzigd, bijvoorbeeld als gevolg van een officieel aangekondigde doch nog niet in werking getreden wet of verdrag(swijziging), dient deze informatie vermeld te worden. Voor beleggingsinstellingen die participanten hebben die over de wereld verspreid zijn, kan deze verplichting op problemen van praktische uitvoerbaarheid stuiten. In die gevallen kan worden volstaan met een beknopte beschrijving in het prospectus van de fiscale positie van de instelling in de Nederlandse Antillen en van de gevolgen daarvan voor de participanten alsmede van die in het land van de zetel van de instelling indien die zetel buiten de Nederlandse Antillen is gelegen. Wel zullen de onderhavige instellingen in het prospectus dienen mede te delen dat verdere beknopte informatie over de fiscale inhoudingen op uitkeringen aan participanten, waarop de beschrijving in het prospectus niet van toepassing is, bij de instelling opgevraagd kan worden.
- 1.1 de regels voor de berekening van de koers bij emissie, verkoop of inkoop van dan wel terugbetaling op de rechten van deelneming;
- 1.2 de regels die gelden voor de inkoop en verkoop van, alsmede de terugbetaling op, deelnemingsrechten door de beleggingsinstelling, waaronder, in voorkomend geval, de regels die gelden wanneer de beleggingsinstelling een derde bij overeenkomst met taken inzake de administratie, inkoop, verkoop of bewaarneming van door haar uitgegeven deelnemingsrechten heeft belast;
- 1.3 door de beleggingsinstelling die de plicht heeft om deelnemingsrechten in te kopen, voor zover redelijkerwijs voorzienbaar: de gevallen waarin in het belang van de deelnemers de inkoop van de rechten van deelneming of de terugbetaling van de waarde van de deelnemingsrechten kunnen worden opgeschort;
- 1.4 voor zover van toepassing, de effectenbeurzen en de andere geregelde, regelmatig functionerende, erkende open markten waar de effecten worden verhandeld waarin de beleggingsinstelling belegt;
- 1.5 de regels voor de waardering van de activa;
- 1.6 a) de vergoedingen en de uitgaven welke de beheerder van het fonds ten laste van het fonds mag inhouden, alsmede de wijze van berekening van deze vergoedingen; b) de aard van de voor rekening van de beleggingsmaatschappij komende kosten;
- 1.7 de wijze waarop wordt bepaald of de opbrengsten van de beleggingsinstelling worden uitgekeerd of herbelegd;
- 1.8 de gevallen waarin vergaderingen van deelnemers kunnen of moeten worden gehouden, de regelingen voor het oproepen van deze vergaderingen en de wijze waarop het stemrecht is geregeld;
- 1.9 de wijze waarop in de voorwaarde van de beleggingsinstelling wijzigingen kunnen worden aangebracht en in hoeverre hierbij de vergadering van deelnemers betrokken wordt;
- 1.10 de regels en de voorwaarden die gelden bij een vervanging van de beheerder van het beleggingsfonds;
- 1.11 vermelding van de regels en de voorwaarden die gelden bij een vervanging van de bewaarder.
- 2.1 elk recht van deelneming van dezelfde soort recht geeft op een evenredig aandeel in het vermogen van de beleggingsinstelling voor zover dit aan de deelgerechtigden toekomt;
- 2.2 voor de beleggingsinstelling waarvan de deelnemingsrechten op verzoek van de deelnemers door haar vrij ingekocht en verkocht worden, voldoende waarborgen aanwezig dienen te zijn opdat, behoudens wettelijke bepalingen en de hierboven onder I 1.3 genoemde gevallen, aan de verplichting om in te kopen en te verkopen kan worden voldaan;
- 2.3 behalve ingeval van gratis verstrekking, deelnemingrechten slechts worden uitgegeven indien de netto-uitgifteprijs binnen de vastgestelde termijnen in het vermogen van de beleggingsinstelling is gestort;
- 2.4 ingeval bewijzen van rechten van deelneming worden afgegeven, deze bewijzen door de beleggingsinstelling worden ondertekend;
- 2.5 de betaalbaarstelling van uitkeringen aan deelnemers, de samenstelling van de uitkeringen alsmede de wijze van betaalbaarstelling moeten worden bekendgemaakt aan het adres van iedere deelnemer, of, indien deze adresgegevens onbekend zijn, op de website van de beleggingsinstelling, of, indien de beleggingsinstelling geen website heeft, in een advertentie in een prijscourant van de effectenbeurs waaraan de deelnemingsrechten in de beleggingsinstelling zijn genoteerd;
- 2.6 een oproeping voor een vergadering van deelnemers geschiedt tenminste veertien dagen voor de aanvang van die vergadering aan het adres van iedere deelnemer, of, indien deze adresgegevens onbekend zijn, op de website van de beleggingsinstelling, of, indien de beleggingsinstelling geen website heeft, in een advertentie in een prijscourant van de effectenbeurs waaraan de deelnemingsrechten in de beleggingsinstelling zijn genoteerd;
- 2.7 een voorstel tot wijziging van de voorwaarden van de beleggingsinstelling wordt medegedeeld aan het adres van iedere deelnemer, of, indien deze adresgegevens onbekend zijn, op de website van de beleggingsinstelling, of, indien de beleggingsinstelling geen website heeft, in een advertentie in een prijscourant van de effectenbeurs waaraan de deelnemingsrechten in de beleggingsinstelling zijn genoteerd;
- 2.8 wijziging van de voorwaarden van de beleggingsinstelling slechts met medeweten van de vergadering van deelnemers kan worden aangebracht;
- 2.9 wijziging van de voorwaarden van de beleggingsinstelling, waardoor rechten of zekerheden van de deelnemers worden verminderd of lasten aan hen worden opgelegd, eerst van kracht wordt drie maanden na de goedkeuring door de Bank van de wijziging en dat binnen deze periode de deelnemers hun rechten van deelneming tegen de gebruikelijke voorwaarden kunnen royeren;
- 2.10 een voorstel tot opheffing van de beleggingsinstelling kenbaar moet worden gemaakt aan de vergadering van deelnemers;
- 2.11 mededeling wordt gedaan van een verzoek aan de Bank ingevolge artikel 11, onder a, van de landsverordening aan het adres van iedere deelnemer, of, indien deze adresgegevens onbekend zijn, op de website van de beleggingsinstelling, of, indien de beleggingsinstelling geen website heeft, in een advertentie in een prijscourant van de effectenbeurs waaraan de deelnemingsrechten in de beleggingsinstelling zijn genoteerd;
- 2.12 de beheerder van het beleggingsfonds bij het beheren uitsluitend in het belang van de deelnemers optreedt;
- 2.13 indien de beheerder zijn voornemen te kennen geeft zijn functie neer te leggen, binnen een termijn van vier weken een vergadering van deelnemers wordt gehouden om in de benoeming van een nieuwe beheerder te voorzien;
- 2.14 bij de vereffening van het vermogen als bedoeld in artikel 12, tweede lid, van de landsverordening, de beheerder van het beleggingsfonds aan de deelnemers rekening en verantwoording aflegt alvorens tot uitkering aan de deelnemers over te gaan.
- 3.1 de bewaarder bij het bewaren uitsluitend in het belang van de deelnemers optreedt;
- 3.2 de bewaring ten name van de beleggingsinstelling op een zodanige wijze geschiedt dat over de in bewaring gegeven waarden slechts kan worden beschikt door de beleggingsinstelling en de bewaarder tezamen;
- 3.3 de bewaarder de in bewaring gegeven waarden slechts afgeeft tegen ontvangst van een verklaring van de beleggingsinstelling waaruit blijkt dat afgifte wordt verlangd in verband met de regelmatige uitoefening van de beheersfunctie;
- 3.4 de bewaarder volgens het recht van de Staat waar de beleggingsinstelling zetel heeft jegens de beleggingsinstelling en de deelnemers aansprakelijk is voor door hen geleden schade voor zover de schade het gevolg is van verwijtbare niet-nakoming of gebrekkige nakoming van zijn verplichtingen; dit geldt ook wanneer de bewaarder de bij hem in bewaring gegeven activa geheel of ten dele aan een derde heeft toevertrouwd;
- 3.5 in geval dat, als bedoeld in punt II 2.4, bewijzen van rechten van deelneming worden afgegeven, deze bewijzen ook door de bewaarder worden ondertekend;
- 3.6 het voorstel door de beheerder van het fonds tot wijziging van de voorwaarden van de beleggingsinstelling tezamen met de bewaarder wordt gedaan;
- 3.7 indien de bewaarder van een beleggingsfonds te kennen geeft voornemens te zijn zijn functie neer te leggen, binnen een termijn van vier weken een vergadering van deelnemers wordt gehouden om in de benoeming van een nieuwe bewaarder te voorzien.
- 1.1 Naam en functie van de natuurlijke personen of naam en zetel van de rechtspersonen die verantwoordelijk zijn voor het prospectus of voor bepaalde gedeelten daarvan; in het laatste geval moeten de gedeelten worden vermeld. Ingeval een rechtspersoon verantwoordelijk is voor het prospectus of een gedeelte daarvan, dienen tevens naam en functie te worden vermeld van de natuurlijke personen die al dan niet door tussenkomst van een andere rechtspersoon uiteindelijk het beleid van deze rechtspersoon bepalen.
- 1.2 Verklaring van de in rubriek 1.1 bedoelde verantwoordelijke personen dat, voor zover hun redelijkerwijs bekend had kunnen zijn, de gegevens in het prospectus of in het gedeelte van het prospectus waarvoor zij verantwoordelijk zijn in overeenstemming zijn met de werkelijkheid en dat geen gegevens zijn weggelaten waarvan vermelding de strekking van het prospectus zou wijzigen.
- 2.1 Naam en kantooradres van de accountant die de jaarrekening van de beleggingsinstelling over het laatste boekjaar heeft gecontroleerd;
- 2.2 De verklaring van de accountant dat de jaarrekening is onderzocht wordt in haar geheel overgenomen. Indien de verklaring voorbehouden bevat dan wel een oordeelonthouding, worden de redenen daarvan in de tekst van de verklaring vermeld en in hun geheel in het prospectus opgenomen;
- 2.3 Vermelding van overige gegevens in het prospectus die door een accountant die geen dienstbetrekking bij de beleggingsinstelling heeft, zijn gecontroleerd;
- 2.4 Mededeling van een accountant die geen dienstbetrekking bij de beleggingsinstelling heeft, dat het prospectus gegevens bevat overeenkomstig het bepaalde in deze bijlage. Naam en kantooradres van die accountant.
- 3.1 De naam en rechtsvorm van de beleggingsinstelling alsmede de statutaire zetel en adres van het hoofdkantoor van de beleggingsmaatschappij, de oprichtingsdatum en de tijd waarvoor de beleggingsinstelling is opgericht indien deze niet voor onbepaalde tijd is aangegaan.
- 3.2 Een letterlijke weergave, of een gedegen samenvatting, van de geldende tekst van de voorwaarden van de beleggingsinstelling, alsmede vermelding van de plaatsen waar deze stukken, voor zover deze niet bij het prospectus zijn gevoegd, ter inzage liggen en verkrijgbaar zijn.
- 3.3 Het bedrag van het eigen vermogen van de beheerder van het beleggingsfonds dan wel van de beleggingsmaatschappij.
- 3.4 Naam van bestuurders en, in voorkomend geval, commissarissen van de beheerder van het beleggingsfonds dan wel van de beleggingsmaatschappij en vermelding van de naam van de natuurlijke personen die uiteindelijk het beleid daarvan bepalen; vermelding van de voornaamste door deze personen buiten de beleggingsinstelling uitgeoefende activiteiten voor zover deze activiteiten verband houden met de werkzaamheden van de beleggingsinstelling.
- 3.5 De aard en de voornaamste kenmerken van de rechten van deelneming in de beleggingsinstelling alsmede van de vorm waarin en de eventuele beperkingen waaronder zij verhandeld kunnen worden.
- 3.6 De wijze waarop en voorwaarden waaronder uitgifte van de rechten van deelneming plaatsvindt.
- 3.7 Door de beleggingsinstelling die op verzoek van de deelnemers de plicht heeft om deelnemingsrechten in te kopen: de wijze waarop en voorwaarden waaronder inkoop van, respectievelijk terugbetaling van de waarde van rechten van deelneming plaatsvindt, alsmede de wijze waarop respectievelijk inkoop en terugbetaling kan worden opgeschort.
- 3.8 Indien van toepassing, de wijze waarop de bepaling plaatsvindt van de verkoop-, uitgifte- of inkoopprijs, alsmede van het bedrag bij terugbetaling van de waarde van de rechten van deelneming, in het bijzonder:
- – wijze waarop en regelmaat waarmee deze prijzen worden berekend;
- – hoe, waar en met welke regelmaat deze prijzen worden gepubliceerd;
- – kosten in verband met verkoop, emissie, inkoop van of terugbetaling op de rechten van deelneming.
- 3.9 Beschrijving van de waardebepaling van de activa van de beleggingsinstelling met een opgave van de regelmaat waarmede deze waardebepaling plaatsvindt. Vermelding van de valuta waarin de intrinsieke waarde van de beleggingsinstelling wordt berekend. De waardering van de activa en passiva dient te geschieden naar maatstaven die in het maatschappelijk verkeer als aanvaardbaar worden beschouwd.
- 3.10 Een gespecificeerde vermelding van het totaalbedrag van alle ten laste van de beleggingsinstelling respectievelijk de deelnemers komende vergoedingen hetzij voor de beheerder van het beleggingsfonds hetzij voor de bestuurders van de beleggingsmaatschappij, waaronder bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen van de maatschappij, alsmede voor de bewaarder en aan derden te betalen of reeds uitbetaalde onkosten. Indien deze vergoedingen of onkosten zijn uitgedrukt in een percentage, een specificatie hiervan en de berekeningsgrondslag.
- 3.11 Beschrijving van de beleggingsdoeleinden met inbegrip van de financiële doelstellingen, zoals kapitaalgroei of inkomsten, de beleggingsportefeuille en het beleggingsbeleid (zoveel mogelijk onderverdeeld naar economische sector en geografische spreiding).
- 3.12 De eventueel aan de beleggingsactiviteiten gestelde grenzen en de wijze waarop hierin wijziging kan worden aangebracht alsmede vermelding van de bevoegdheid om als debiteur leningen aan te gaan.
- 3.13 In voorkomend geval, de beurzen of markten waar de deelnemingsrechten worden verhandeld of tot de notering zijn toegelaten.
- 3.14 Datum waarop de jaarrekening en de halfjaarcijfers van de instelling op grond van haar voorwaarden of de landsverordening moeten zijn afgesloten alsmede de plaatsen waar deze stukken ter inzage liggen.
- 3.15 Beschrijving van de voorschriften waaraan de winstbepaling en -bestemming is onderworpen, alsmede van de wijze waarop en de frequentie waarmee winstuitkering zal geschieden.
- 3.16 Indien de bestaansduur van de beleggingsinstelling dat mogelijk maakt, een vergelijkend overzicht van de ontwikkeling van het vermogen van de beleggingsinstelling alsmede van de baten en lasten van de beleggingsinstelling over de afgelopen drie jaar.
- 3.17 De wijze waarop het resultaat zal worden bepaald en met voorgaande jaren zal worden vergeleken alsmede de frequentie waarmee het resultaat aan de deelnemers en aan het publiek bekend gemaakt zal worden.
- 3.18 Een beknopte beschrijving inzake het op de beleggingsinstelling toepasselijke belastingstelsel met, voor zover van toepassing, vermelding van inhouding van bronbelasting op inkomsten en kapitaalwinsten welke door de beleggingsinstelling aan houders van rechten van deelneming worden uitgekeerd. Officieel bekend gemaakte aanpassingen in het toepasselijke belastingstelsel waarvan vaststaat dat zij ongewijzigd qua vorm en inhoud in werking zullen treden, andere fiscale informatie die voor de deelnemers van rechtstreeks belang zijn.
- 3.19 De gevallen waarin vergaderingen van deelnemers kunnen of moeten worden gehouden, welke regelingen er zijn voor het oproepen van deze vergaderingen en de wijze waarop het stemrecht is geregeld.
- 3.20 Beschrijving van de wijze waarop en de voorwaarden waaronder opheffing en vereffening van de beleggingsinstelling plaatsvindt, in het bijzonder ten aanzien van de rechten van de deelnemers.
- 3.21 De naam van derden aan wie de beleggingsinstelling beheersactiviteiten, die tot haar verantwoordelijkheid behoren, heeft overgedragen, alsmede van de adviseurs en adviesbureaus van wier diensten de beleggingsinstelling ter zake van haar beleggingen gebruik maakt.
- 3.22 De wijze waarop de beleggingsinstelling periodiek informatie verschaft.
- 3.23 Het aantal grote beleggers van de beleggingsinstelling of haar dochtermaatschappijen en de totale omvang van de deelnemingen van de grote beleggers in de beleggingsinstelling of haar dochtermaatschappijen. Een verwijzing naar de halfjaarcijfers en de overige gegevens voor de aanvullende en meer actuele informatie omtrent grote beleggers; dit geldt niet voor de omvang van de deelnemingen van de grote beleggers. Indien de beleggingsinstelling niet aan een van de zojuist genoemde informatievereisten kan voldoen, dient dit in het prospectus vermeld te worden.
- 4.1 Naam, rechtsvorm, statutaire zetel en adres van het hoofdkantoor van de beheerder indien deze laatste afwijkt van die van de statutaire zetel.
- 4.2 De datum van oprichting, de tijd waarvoor de rechtspersoon is opgericht die de functie van beheerder vervult indien deze niet voor onbepaalde tijd is aangegaan.
- 4.3 Indien de beheerder een naar Nederlands Antilliaans recht opgerichte naamloze of besloten vennootschap is, het nummer van inschrijving in het handelsregister en de plaats van inschrijving.
- 4.4 De datum waarop de jaarrekening van de beheerder op grond van zijn statuten of de wet moet zijn afgesloten.
- 4.5 Een letterlijke weergave, of een gedegen samenvatting, van de geldende tekst van de statuten van de beheerder, alsmede vermelding van de plaatsen waar deze stukken, voor zover deze niet bij het prospectus zijn gevoegd, en de verslagen of jaarrekeningen van de beheerder ter inzage liggen en verkrijgbaar zijn.
- 4.6 De overige beleggingsinstellingen waarover de beheerder het beheer voert.
- 5.1 Naam, rechtsvorm, statutaire zetel en adres van het hoofdkantoor van de bewaarder indien deze laatste afwijkt van die van de statutaire zetel.
- 5.2 De datum van oprichting en de tijd waarvoor de rechtspersoon is opgericht die de functie van bewaarder vervult indien deze niet voor onbepaalde tijd is aangegaan.
- 5.3 Indien de bewaarder een naar Nederlands Antilliaans recht opgerichte naamloze of besloten vennootschap is, het nummer van inschrijving in het handelsregister en de plaats van vestiging.
- 5.4 Naam van bestuurders en commissarissen van de bewaarder en vermelding van naam van de natuurlijke personen die uiteindelijk het beleid van de bewaarder bepalen.
- 5.5 De voornaamste werkzaamheden van de in rubriek 5.4 genoemde personen buiten de functie(s) die zij bij de bewaarder vervullen voor zover deze activiteiten verband houden met de werkzaamheden van de bewaarder of van de beleggingsinstelling waaraan de bewaarder is verbonden.
- 5.6 De datum waarop de jaarrekening van de bewaarder op grond van zijn statuten of de landsverordening moet zijn afgesloten.
- 5.7 Een letterlijke weergave, of een gedegen samenvatting, van de geldende tekst van de statuten van de bewaarder, alsmede vermelding van de plaatsen waar deze stukken, voor zover deze niet bij het prospectus zijn gevoegd, en de verslagen of jaarrekeningen van de bewaarder ter inzage liggen en verkrijgbaar zijn.