Art. 145 Mijnbesluit BES, Over heffing van vast recht
1. Het vast recht van vergunningen tot opsporing en van ontdekkers die na het verstrijken van den vergunningstermijn hunne werkzaamheden op den voet van opsporingswerken voortzetten, wordt geheven over vergunningsjaren en voor iedere vergunning afzonderlijk berekend naar de oppervlakte van het opsporingsterrein zooals deze door Onze Minister in de vergunningsbeschikking (art. 38 eerste lid sub b) is vastgesteld of ingevolge het bepaalde bij het eerste lid van art. 44 is gewijzigd.
2. Het wegens vast recht verschuldigd bedrag moe steeds in zijn geheel worden voldaan.