Art. 79p Wetboek van Strafrecht BES, Voorwaardelijke oplegging
1. De rechter die bepaalt dat een door hem opgelegde straf of maatregel niet zal worden ten uitvoer gelegd, stelt daarbij een proeftijd vast van ten hoogste twee jaren.
2. De proeftijd gaat in zodra de uitspraak waarbij een bevel als in artikel 79o, eerste lid bedoeld is gegeven, onherroepelijk is geworden. De bijzondere voorwaarden gelden echter pas indien deze door of vanwege het openbaar ministerie aan de veroordeelde in persoon zijn betekend.
3. De proeftijd loopt niet gedurende de tijd dat de veroordeelde rechtens zijn vrijheid is ontnomen.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 11 maart 2025, ECLI:NL:OGHACMB:2025:87
- Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 3 juli 2025, ECLI:NL:OGEABES:2025:174
- Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 17 april 2024, ECLI:NL:OGEABES:2024:38
- Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 29 november 2022, ECLI:NL:OGEABES:2022:27