Art. 30 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering BES, De rechters en het wraken van rechters

Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering BES

1. De rechters, met uitzondering van de rechters-plaatsvervangers, de ambtenaren van het openbaar ministerie en die van de griffie belasten zich niet met het verdedigen van de zaken der partijen, hetzij mondeling, hetzij schriftelijk, hetzij bij wijze van consultatie.

2. Echter mogen zij hun eigen zaken, die van hun echtgenoten, bloedverwanten of aangehuwden in de rechte linie en die van hun pupillen bepleiten.