Art. 46 Overgangswet nieuw Burgerlijk Wetboek BES, Overgangsbepalingen in verband met Boek 3

Overgangswet nieuw Burgerlijk Wetboek BES

Op de rechtsverhouding tussen degene die op het tijdstip van het in werking treden van de wet nog voor een bepaalde tijd rechthebbende op een goed is, en hem die na hem verkrijgt, zijn de bepalingen omtrent verplichtingen en bevoegdheden welke uit vruchtgebruik voortvloeien, van overeenkomstige toepassing, voor zover de aard of inhoud van die rechtsverhouding zich daartegen niet verzet.