Art. 133 Overgangswet nieuw Burgerlijk Wetboek BES, Overgangsbepalingen in verband met Boek 6
Overgangswet nieuw Burgerlijk Wetboek BES
De bevoegdheid tot tenuitvoerlegging van een executoriale titel ter zake van een vordering en haar nevenrechten komt vanaf het tijdstip van het in werking treden van de wet toe aan degene op wie de vordering vóór dat tijdstip is overgegaan, tenzij de vorige rechthebbende reeds maatregelen tot uitoefening van zijn bevoegdheid had genomen.