Art. 20 Besluit Pensioenwet BES, Samenstelling eigen vermogen
1. Het eigen vermogen van een pensioenfonds wordt met name gevormd door de volgende vermogensbestanddelen:
a. het gestorte aandelenkapitaal of waarborgkapitaal vermeerderd met de ledenrekeningen;
b. de reserves;
c. het onverdeelde positieve of negatieve resultaat; en
d. de achtergestelde leningen.
2. Het eigen vermogen van een pensioenfonds wordt verminderd met het bedrag van de eigen aandelen die rechtstreeks door het pensioenfonds worden gehouden en met het bedrag van de immateriële activa.