Art. 265 Wetboek van Koophandel BES, Van cheques en van promessen en kwitanties aan toonder

Wetboek van Koophandel BES

1. Het aval wordt op de cheque of op een verlengstuk gesteld.

2. Het wordt uitgedrukt door de woorden: «goed voor aval», of door een soortgelijke uitdrukking; het wordt door de avalgever ondertekend.

3. De enkele handtekening van de avalgever, gesteld op de voorzijde van de cheque, geldt als aval, behalve indien de handtekening die is van de trekker.

4. Het kan ook geschieden bij een afzonderlijk geschrift of bij een brief, vermeldende de plaats, waar het is gegeven.

5. In het aval moet worden vermeld, voor wie het is gegeven. Bij gebreke hiervan wordt het geacht voor de trekker te zijn gegeven.