Art. 103 Kadasterregeling 1994, Metingen
Bij de meting van rechtsgrenzen, van cultuurscheidingen die geen rechtsgrens zijn maar bij de toepassing van de meting perceelgrens zullen worden, en van de ligging van hoofdgebouwen zorgt mede met de meting belaste ambtenaar voor een behoorlijke controle. Deze moet blijken uit de constructie van de meting. Als controlemogelijkheden komen ook in aanmerking:
a. meting van zogenoemde eigen maten;
b. hoekmetingen en
c. dubbele meting van afstanden.