Bijlage 2.1.1 Subsidieregeling energie en innovatie: , behorende bij artikel 2.1.2 van de Subsidieregeling energie en innovatie
Subsidieregeling energie en innovatie
(1) Bioraffinage Bioraffinage is het fractioneren van biomassa in verschillende ‘producten’ die al dan niet na een verdere biologische, (bio)chemische, fysische en/of thermochemische bewerking en scheiding afzonderlijk af te zetten zijn. Hierbij kan onder andere gedacht worden aan vergisting, superkritische vergassing, pyrolyse en enzymatische en katalytische omzettingsroutes. Onderzoeksdoel: het fractioneren van biomassa in hoogwaardige deelcomponenten voor toepassing in de chemie en de energiesector waarbij het aantal omzettingsstappen en verliezen tussen de grondstof en het product worden geminimaliseerd en exergetisch geoptimaliseerd. De onderzoeksresultaten kunnen leiden tot: Onderzoek naar en de ontwikkeling van (onderdelen van): (2) Geïntegreerde concepten voor teelt, oogst en raffinage van aquatische biomassa Aquatische biomassa omvat zowel microalgen als macroalgen (wieren) in zowel zoet- als zoutwatermilieu. Projecten komen uitsluitend in aanmerking als zij zich richten op een concept waarin zowel teelt, oogst als raffinage zijn geïntegreerd. Projecten die zich uitsluitend richten op teelt en/of oogst van aquatische biomassa zijn uitgesloten. Onderzoeksdoel: het verkrijgen van energetisch en economisch efficiënte teelt, oogst en raffinage van aquatische biomassa, met als doel deze toe te passen voor de productie van brandstoffen en industriële grondstoffen. Het doen van onderzoek naar de duurzaamheid van dergelijke concepten en ontwikkelen van methodes om deze te verbeteren. Onderzoek naar en de ontwikkeling van (onderdelen van): Projecten hebben een aantoonbaar marktperspectief. Daarnaast moet aannemelijk worden gemaakt dat binnen een termijn van 5 jaar na de start van het project een eerste commerciële toepassing wordt gerealiseerd. (3) Beschikbaarheid, maatschappelijke aanvaardbaarheid, infrastructurele inpassing van biomassa Beschikbaarheid van biomassa, prioritering (cascadering) in gebruik, efficiency in gebruik (hoogwaardige biomassa voor hoogwaardi
- • Bioraffinage
- • Geïntegreerde concepten voor teelt, oogst en raffinage van aquatische biomassa
- • Bioraffinage
- • Geïntegreerde concepten voor teelt, oogst en raffinage van aquatische biomassa
- • Beschikbaarheid, maatschappelijke aanvaardbaarheid, infrastructurele inpassing van biomassa
- • Demonstratie op pilotplant schaal van de vervanging van een chemisch productieproces door een brioraffinageproces voor producten met een onderbouwd marktperspectief met een potentieel van 100 PJ energiereductie wereldwijd in 2020;
- • Productie van biobrandstoffen, waaronder commerciële productie van ethanol uit houtachtige gewasdelen.
- • Bioraffinageprocessen ter vervanging van chemische productieprocessen;
- • Innovatieve processen voor de productie van vloeibare en gasvormige biobrandstoffen: deze processen moeten aantoonbare voordelen hebben ten opzichte van bestaande routes in termen van duurzaamheid, opbrengst, energieverbruik, de consumptie van fossiele grondstoffen en de productie van reststoffen.
- • Energetisch en economisch efficiënte teelt en oogst van aquatische biomassa, met als doel deze toe te passen voor de productie van brandstoffen en industriële grondstoffen. De te ontwikkelen technieken en methoden moeten aantoonbare voordelen hebben ten opzichte van de huidige installaties voor aquatische biomassateelt, in termen van energetische efficiency en economisch rendement. En het doen van onderzoek naar de duurzaamheid ervan en ontwikkelen van methodes om dit te verbeteren.
- • Brandstofcel PEMFC, SOFC en MFC
- • Waterstofproductie en geavanceerde conversie
- • Waterstofinfrastructuur: netwerken en opslag
- • Vergassing, gasreiniging, -conditionering en syngasproductie en -toepassing
- • Brandstofcel PEMFC, SOFC en MFC
- • Waterstofproductie en geavanceerde conversie
- • Waterstofinfrastructuur: netwerken en opslag
- • Vergassing, gasreiniging, -conditionering en syngasproductie en -toepassing
- • PEMFC. Het doel is de ontwikkeling van de PEMFC technologie voor de efficiënte conversie van waterstof, geproduceerd uit fossiele en hernieuwbare bronnen, eventueel in combinatie met gebruikmaking van de gegenereerde warmte. De PEMFC ontwikkeling dient gericht te zijn op kostenreductie, systeemvereenvoudiging en levensduurverlenging (resistentie tegen CO).
- • SOFC. Het doel is de ontwikkeling van SOFC-technologie voor efficiënte conversie van aardgas, biogas en procesgas tot elektriciteit, eventueel in combinatie met gebruikmaking van de gegenereerde warmte. Combinatie van de SOFC met een gasturbine. Subdoelstelling is de demonstratie van een SOFC-stack met een elektrisch rendement van circa 48% (brandstof aard- en biogas). De levensduur van het SOFC-conversiesysteem dient 40.000 uur te bedragen. De systeemkosten dienen tussen de 900 en 1500 Euro/kWe te liggen. Dit resulteert in een stackprijs van 300-500 Euro/kWe.
- • (Micro-) Biologische brandstofcel (MFC). Met behulp van micro-organismen of enkel enzymen kunnen organische stoffen eventueel onder invloed van licht worden omgezet in elektriciteit. Het onderzoek naar (micro-) biologische brandstofcel bevindt zich in een pril stadium.
- • Integratie van brandstofcelsystemen in mobiele (hybride) en stationaire systemen
- • Micro/mini warmtekrachtsystemen voor particulieren
- • Efficiëntieverbeteringen en kostenreductie van systemen waarin een brandstofcelsysteem is ingebouwd
- • Ontwikkeling van micro/mini wkk brandstofcelsystemen
- • Koppeling van brandstofcelsystemen in het slimme elektriciteitsnetwerk
- • Onderzoek naar vergassingstechnologie voor gecombineerd proces waarbij de productie van syngas, waterstof, geconcentreerd CO2 en elektriciteit stuurbaar is afhankelijk van de vraag.
- • Onderzoek naar nieuwe waterstofzuiveringstechnieken en ontzwavelingstechnologie in combinatie met reforming of vergassing.
- • Onderzoek naar katalysatoren voor bovengenoemd proces: zwavel resistentie, verhoging van activiteit voor moeilijk converteerbare componenten (bijv. aromaten), verhoging selectiviteit (verhoging rendement), lange duur stabiliteit.
- • Onderzoek van nieuwe reforming methodieken (membraanreactoren, metaaloxiden, thermisch, GTL in combinatie met reforming of vergassing).
- • Onderzoek naar processen voor gasreiniging. Actieve en stabiele katalysatoren voor water-gas shift en preferentiële oxidatie van CO. Onderzoek naar alternatieve kosteneffectieve edelmetaalvrije of -arme katalysatoren.
- • Onderzoek naar biologische waterstofvorming en bioelektrische waterstofvorming.
- • Onderzoek naar processen met behulp van micro-organismen ten behoeve van de zuivering van synthese gas, productie van biomethaan en bioethanol uit synthesegas en ontzwaveling van gassen.
- • Onderzoek naar de directe productie van waterstof uit zonlicht. Ontwikkeling van een testcel voor directe waterstofproductie uit zonlicht.
- • Onderzoek naar de productie van waterstof via hoogrendements elektrolyse.
- • Simulatie, modellering en verkenning van systeemeffecten van waterstofproductie en -technologieketens. Dergelijk onderzoek is gericht op ketenefficiency en kan gebruikt worden voor keuzes in het lange termijn onderzoek. Hierbij kan gedacht worden aan: een geïntegreerd multi-fuel vergassingsproces voor de productie van waterstof, syngas, geconcentreerd CO2 en elektriciteit; simulatie en evaluatie van micro-biologische processen voor de productie van waterstof.
- • Ontwikkeling naar kleinschalige waterstofproductiesystemen voor conversie van vloeibare brandstoffen bioethanol en biodiesel)
- • Ontwikkeling van gaszuiveringstechnieken zoals micro PSA
- • Onderzoek naar mogelijkheden voor grootschalige opslag van waterstof. Potentiële opslagcapaciteit in zout, olie en gasreservoirs, kolenlagen en aquifers ten behoeve van ondergrondse opslag van nieuw gas (waterstof of een mengsel daarvan).
- • Onderzoek naar elektrochemische (de)compressie van waterstof.
- • Onderzoek naar nieuwe materialen voor fysisch-chemische opslag van waterstof, waterstofinfrastructuur en (de)compressiesystemen.
- • Efficiënte en economisch rendabele processen voor de winning, preconversie en eventueel opwaarderen van duurzame/schoon fossiel gassen, rekening houdend met de beperkingen van infrastructuur en het eindgebruik.
- • Nieuwe methoden voor gasbehandeling (verwijdering spoorcomponenten, opwaarderen).
- • Systeemstudies naar de mogelijke toekomstscenario’s van een waterstofinfrastructuur met opslag. De koppeling en de invloed van een duurzame decentrale opwekking op een waterstofinfrastructuur, opslagsysteem, elektriciteitsnetwerk en andere netwerken.
- • Scenario’s en beslisgereedschappen voor infrastructurele beslissingen (bv. centraal vs. decentraal) over het inzetten van nieuw gas/schoon fossiel in de energievoorziening, inclusief energie efficiëntie en kosten.
- • Systemen en productiemethodes (metaal)poeders voor kleinschalige opslag.
- • Nieuwe technieken voor gasbehandeling (verwijdering spoorcomponenten, opwaarderen) en (de)compressie van waterstof.
- • Verbeteren betrouwbaarheid en inzetbaarheid
- – verbeteren van gasreiniging
- – verlaging emissies bij verbranding van het verkregen productgas
- – verlagen van de vervuiling in het systeem (voorbewerking, ketel, gasleidingen)
- – asverwerking en afvoer
- • Realiseren van flexibiliteit
- – co-productie van chemicaliën en elektriciteit en warmte
- – koppeling met kolenvergassing
- – verwerking van andere biomassastromen dan schoon hout, bijvoorbeeld mest, slib
- – verwerking van afvalstromen van deels niet-biogene oorsprong, zoals RDF, kunststoffen
- • Verhogen rendement
- – verbeteren overall rentabiliteit
- – verhogen van de methaanopbrengst
- • Transport en distributie van energie (transitie en exploitatie van de energie-infrastructuur)
- • Zon PV: (multi)kristallijn-silicium PV-technologie
- • Zon PV: dunnefilm PV-technologie
- • Windconversie offshore (ontwerpkennis en netinpassing 6 GW tot 20 GW)
- • Elektriciteit en warmte uit biomassa
- • Transport en distributie van energie (transitie en exploitatie van de energie-infrastructuur)
- • Zon PV: (multi)kristallijn-silicium PV-technologie
- • Zon PV: dunnefilm PV-technologie
- • Windconversie offshore (ontwerpkennis en netinpassing 6 GW tot 20 GW)
- • Elektriciteit en warmte uit biomassa
- • als openbare voorziening.
- • met industriële netten (zoals het spoorwegennet of een net in een industriegebied).
- • met netten op bedrijventerreinen en in woonwijken (voor en achter de meter).
- • De inpassing in de energie-infrastructuur van grote en kleine eenheden, die bijdragen aan een duurzame energievoorziening: opwekkers, gebruikers van energie en energieopslag.
- • De optimale benutting van de capaciteit van de energie-infrastructuur.
- • De voorzienings- en leveringszekerheid.
- • De kwaliteit van de energievoorziening.
- • Het matigen van de investeringen als gevolg van de veroudering van de energie-infrastructuur en als gevolg van de (veranderende) eisen uit de samenleving.
- • Waterstofinfrastructuur: netwerken en opslag
- • De energie-infrastructuur kan straks grote en kleine eenheden in de energievoorziening inpassen, die een bijdrage leveren aan de duurzaamheid van deze energievoorziening. Het gaat om windparken en grote hoeveelheden kleine decentrale bronnen zoals zon-PV en micro-WKK. Naast eenheden voor het opwekken van energie gaat het ook om eenheden, die energie gebruiken (warmtepompen, duurzame voertuigen) en om opslag van energie.
- • De toekomstige energie-infrastructuur speelt flexibel in op (grote) fluctuaties van vraag en aanbod, biedt de mogelijkheid tot kwaliteit op maat naar behoefte van klanten en maakt nieuwe diensten mogelijk om de duurzaamheid van de energievoorziening te versterken.
- • De energie-infrastructuur is straks door zijn robuustheid en flexibiliteit (grotendeels) onafhankelijk van de precieze economische en maatschappelijke ontwikkelingen. De verschillen met vandaag bevinden zich voornamelijk in de besturing, de bewaking en de beveiliging van de energiestromen aangezien deze anders gaan lopen.
- • De beoogde windvermogens (op land en offshore) kunnen in de energie-infrastructuur worden opgenomen.
- • Hoe ziet de energie-infrastructuur er in de toekomst uit, toekomstbeelden op basis van de evoluerende behoeftes in de samenleving, wat ligt nu nog niet voor de hand?
- • Gedrag van marktpartijen en de gevolgen van marktwerking en regulering voor de energie-infrastructuur en omgekeerd.
- • De rol van de eindgebruiker, van de energieleverancier en van andere en nieuwe partijen. Onder de eindgebruikers zullen midden- en kleinbedrijven naar verwachting op de huishoudens voorgaan met investeringen en met het inspelen op een nieuwe ordening van de energiemarkt.
- • Hoe kan de ene energiedrager helpen met de (stabiliteit van de) voorziening van een andere energiedrager?
- • ICT in de energie-infrastructuur: metingen van technische parameters, metingen voor de verrekening van energie, diagnose, monitoring en sturing. De uitdagingen liggen in de schaalbaarheid, de beschikbaarheid, de beveiliging, de privacy en het gebruik van standaarden. De ICT sector bestrijkt meer dan 30 disciplines. Voor ICT in de energie-infrastructuur zijn de meest relevante disciplines: embedded software, real-time systemen, algoritmiek en modellen voor coördinatie en scheduling, back-office toepassingen en service oriented applicaties.
- • Vermogenselektronica, beveiliging, besturing, meet- en regeltechniek, DC netten, supergeleiding.
- • Het gedrag van de energie-infrastructuur, inclusief het modelleren van componenten.
- • Systeemonderzoek naar grote en kleine eenheden van opslag, die bijdraagt aan de duurzaamheid van de energievoorziening, waaraan deze opslag is gekoppeld (‘grid connected’): modellen, scenario’s, simulaties, beslisgereedschappen voor de inzet van opslag in de energievoorziening, oplaad- en ontlaadgedrag.
- • Nieuwe componenten, inclusief testen van deze componenten in gesimuleerde omgeving, in afzondering en in de interactie met de energie-infrastructuur en de maatschappij.
- • Dilemma van levensduurverschil tussen de componenten in de energievoorziening en de ICT.
- • Dilemma van verschil tussen de energie-infrastructuren in Nederland. De energie-infrastructuur van een nieuwbouwwijk kan gemakkelijker voldoen aan de eisen uit de samenleving dan de verouderde energie-infrastructuur in een binnenstad.
- • De bedrijfsvoering en de stabiliteit.
- • Hoe krijgen de netbeheerders vertrouwen in nieuwe componenten en systemen?
- • Het gebruik van (bestaande) testfaciliteiten en van simulatievoorzieningen, die nodig zijn omdat bestaande energie-infrastructuur vaak niet voor experimenten kan worden gebruikt.
- • Conventioneel worden operationele kritische situaties vooraf in de planningsfase opgelost, bijvoorbeeld met het ontwerp voor de maximale belasting en met de toepassing van het ‘n-1 principe’. In de toekomst is het niet meer mogelijk om die kritische situaties in de planningsfase goed in te schatten. Conventionele infrastructuurplanning leidt dan tot grote reserve marges en overdimensionering. Operationele kritische situaties kunnen dan beter tijdens de bedrijfsvoering worden gesignaleerd en opgelost worden door actieve sturing van distributiecomponenten of van aangesloten eenheden (belasting of opwekking of opslag). De toekomstige energie-infrastructuur kan deze sturing tijdig laten plaatsvinden.
- • Om de betrouwbaarheid van de energie-infrastructuur te garanderen bij hogere benutting is de relatie tussen de belasting van componenten en de veroudering van belang. Toekomstige energie-infrastructuur voorziet in het inzicht hierin. Het kostenaandeel voor onderhoud en beheer in de levensduurkosten is beheersbaar, investeringen worden gematigd en de energie-infrastructuur draait met een hogere benutting van haar capaciteit ten opzichte van vandaag.
- • Nieuwe energie-infrastructuur veroorzaakt met haar functioneren zo weinig mogelijk energieverliezen en milieubelasting. Haar ontwerp met geschikte materialen draagt hieraan bij.
- • Tijdige signalering van operationele kritische situaties en actieve sturing van infrastructuurcomponenten of aangesloten eenheden (belasting of opwekking of opslag) om deze situaties weg te nemen of beheersbaar te houden.
- • In componenten geïntegreerde intelligentie die beheer op afstand mogelijk maakt.
- • Beslissingsondersteuning op systeemniveau over individuele componenten op basis van kennisregels en referentiegegevens in ondersteunende informatiesystemen.
- • Diagnostieken voor transport- en distributienetten en componenten.
- • ‘Sustainable’ technieken, materialen en hulpmiddelen voor onderhoud en beheer.
- • Componenten en systemen met geringere milieubelasting (materialen, verliezen, geluid).
- • (Combinaties van) vermogenselektronica, ICT, beveiliging, besturing, meet- en regeltechniek, DC netten en supergeleiding.
- • Concepten voor de Virtual Power Plant (VPP).
- • Hard- en sofware voor en achter de ‘slimme meter’ en in apparaten (van bedrijven en woningen) voor de aanpassing van de vraag naar en het aanbod van energie op elkaar.
- • Laadpunten, met hun beveiliging en intelligentie, voor elektrische voertuigen.
- • innovaties op het gebied van basismateriaal (feedstock en wafers), leidend tot substantieel lagere siliciumkosten (per Wp);
- • deviceconcepten en nieuwe procestechnieken voor modules met een zeer hoog rendement (> 18%, module rendement) en lage kosten;
- • onderzoek gericht op het verlengen van de levensduur en betrouwbaarheid van zonnecellen en modules. Nieuwe moduleconcepten (ontwerp en materiaalgebruik) en fabricagetechnieken voor modules met lage kosten en/of een sterk verbeterd milieuprofiel (dit laatste inclusief de cellen). Bij het milieuprofiel gaat het om de milieuprestatie van de gehele keten.
- • Verbetering van de toepasbaarheid van zonnecellen in de gebouwde omgeving. Hierbij dient gedacht te worden aan systemen en technieken die dakintegratie van zonnepanelen bevorderen, middels kostprijsreductie en kwaliteitsverbetering van installaties. Aandacht en bevordering van maatschappelijke acceptatie van zonnestroom in de gebouwde omgeving dient hierbij meegenomen te worden. Hierbij kan gedacht worden aan beleving en meer specifiek de esthetische aspecten.
- • Ontwikkeling van efficiënte en kostprijsreducerende technieken en systemen voor netinpassing van zonnestroom.
- • Doorontwikkeling en ontwikkeling van productietechnologie voor cellen en module concepten op basis van resultaten uit lange termijn onderzoek (betreft grondstoffen, cellen en modules).
- • Onderzoek naar kostprijs reductie en kwaliteitsverbetering (balance of system).
- • materialen, devices en procestechnieken primair gericht op een lage kostprijs (perspectief modulerendement 15%);
- • devices en procestechnieken primair gericht op rendementsverhoging tot minimaal 15% op moduleniveau (perspectief moduleprijs 1 Euro/Wp);
- • duurzaamheidsaspecten en stabiliteit: vermijden van het gebruik van schaarse of schadelijke materialen, rendementsverlies minder dan 20% over 20 jaar;
- • overige innovaties die grootschalig gebruik van modules bevorderen;
- • deviceconcepten voor een modulerendement van minimaal 25% alsmede geavanceerde meettechnieken in dit kader;
- • high efficiency dunne-film zonnecellen.
- • materialen ten behoeve van devices met een sterk verbeterde stabiliteit en/of rendement (> 10 jaar equivalente levensduur, 10% celrendement);
- • deviceconcepten voor een sterk verbeterde stabiliteit en/of rendement (> 10 jaar equivalente levensduur, 10% celrendement);
- • verbeterde toepassingsmogelijkheden, waarbij de focus ligt op uiteindelijke toepassing binnen de gebouwde omgeving.
- • Verbetering van de toepasbaarheid van zonnecellen in de gebouwde omgeving. Hierbij dient gedacht te worden aan systemen en technieken die dakintegratie van zonnepanelen bevorderen, middels kostprijsreductie en kwaliteitsverbetering van installaties. Aandacht en bevordering van maatschappelijke acceptatie van zonnestroom in de gebouwde omgeving dient hierbij meegenomen te worden. Hierbij kan gedacht worden aan beleving en meer specifiek de esthetische aspecten.
- • Ontwikkeling van efficiënte en kostprijsreducerende technieken en systemen voor netinpassing van zonnestroom.
- • Ontwikkeling van productietechnologie op basis van resultaten uit lange termijn onderzoek.
- • Onderzoek naar kostprijs reductie en kwaliteitsverbetering (balance of system).
- • nieuwe windturbine concepten, componenten en materialen;
- • rotor- en parkaerodynamica inclusief regelingen;
- • aëro-elasticiteit, structuurdynamica inclusief regelingen;
- • elektrische regelstrategieën voor turbines, parken en net;
- • integraal ontwerp voor onderhoud, bedrijfsvoering en conditiebewaking;
- • ondersteuningsconstructies;
- • assemblage-, bouw- en transporttechnieken.
- • nieuwe windturbine concepten, componenten en materialen;
- • rotor- en parkaerodynamica inclusief regelingen;
- • aëro-elasticiteit, structuurdynamica inclusief regelingen;
- • elektrische regelstrategieën voor turbines, parken en net;
- • integraal ontwerp voor onderhoud, bedrijfsvoering en conditiebewaking;
- • ondersteuningsconstructies;
- • assemblage-, bouw- en transporttechnieken.
- • ontwerp en integrale regelstrategie van zeenetten;
- • interacties met bestaande productiecapaciteit op land;
- • gecombineerde bedrijfsvoering van landnetten en zeenetten (stabiliteit, capaciteit, regelgeving);
- • voorspelmethoden (vermogensaanbod in relatie tot de vraag), waaronder
- • windvoorspelling.
- • ontwerp en integrale regelstrategie van zeenetten;
- • interacties met bestaande productiecapaciteit op land;
- • gecombineerde bedrijfsvoering van landnetten en zeenetten (stabiliteit, capaciteit, regelgeving);
- • voorspelmethoden (vermogensaanbod in relatie tot de vraag), waaronder
- • windvoorspelling.
- • Voor mee- en bijstook in kolencentrales wordt gestreefd naar een bijmengpercentage van 40% biomassa en een elektrisch rendement van meer dan 50% in 2040.
- • Voor AVI's geldt een elektrisch rendement van 40% als streefdoel.
- • Bij 'multifuel' installaties wordt gestreefd naar een elektrisch rendement boven de 50% waarbij het rendement bij een hoog aandeel biomassa (> 33% energie) slechts enkele procentpunten lager is dan bij 100% fossiele brandstoffen.
- • Bij kleinschalige decentrale installaties wordt gestreefd naar een rendement van elektriciteit én warmte van meer dan 85%.
- • een zo hoog mogelijk rendement van elektriciteit en/of warmte, minimaal gelijk aan dat van de best presenterende installaties die op dit moment commercieel verkrijgbaar zijn;
- • emissiewaarden voor NOx, zwaveldioxide, onverbrande koolwaterstoffen en fijnstof liggen minimaal binnen de Nederlandse wettelijke emissie-eisen;
- • de economische terugverdientijd, met inbegrip van subsidies en fiscale maatregelen, valt binnen de technische levensduur van de installatie.
- • Membraanscheiding
- • Procesintensificatie
- • Warmtehuishouding in de industrie
- • Thermische behandelingsprocessen
- • Systeembenadering in de industrie
- • Membraanscheiding
- • Procesintensificatie
- • Warmtehuishouding in de industrie
- • Thermische behandelingsprocessen
- • Systeembenadering in de industrie
- • Nanofiltratie (NF) van organische oplosmiddelen: bijvoorbeeld voor terugwinning van homogene katalysatoren, voor terugwinning van oplosmiddelen, afscheiding van reactanten;
- • Pervaporatie (PV) en damppermeatie (VP): bijvoorbeeld voor ontwatering van organische oplosmiddelen, voor scheiding van azeotropen, voor verschuiving van evenwichten bij veresteringen, voor optimalisering/verbetering van destillatieve scheidingen;
- • Gasscheidingen: vooral in combinatie met reactoren, voor afvoer of dosering van reactanten, en voor terugwinning van componenten uit procesgasstromen.
- • basisonderzoek naar nieuwe membraanmaterialen en membranen voor bovengenoemde scheidingen; onderzoek naar nieuwe dragerstructuren;
- • ontwikkeling van nieuwe modulen voor specifieke toepassingen eventueel in combinatie met katalysatoren;
- • ontwikkeling van opschalings- en fabricagetechnologie van nieuwe membranen/modulen;
- • ontwikkeling van toepassingsmogelijkheden van specifieke membranen en modulen in de (chemische) procesindustrie en voedingsmiddelenindustrie waarbij via systeembenadering de essentiële rol van deze procesoperatie evident wordt.
- • Ontwikkelen van processen gebaseerd op nieuwe membraanmaterialen en membraanmodules.
- • Inpassing van membraanscheiding in bestaande processen.
- • Ontwikkeling van productiemethoden voor membranen.
- • Uitvoeren van industriële pilots bij eindgebruikers.
- – toepassing van membranen in combinatie met chemische omzettingen waarbij producten selectief worden afgescheiden en/of reactanten selectief, of op gecontroleerde wijze aan het reactiemengsel worden toegevoerd;
- – toepassing van gestructureerde reactoren waarbij een effectiever contact tussen de fasen (gas-vloeistof, gas-vast en gas-vloeistof-katalysator) bewerkstelligd kan worden;
- – toepassing van dynamisch of cyclisch geopereerde reactoren waardoor compressie, expansie en warmte-uitwisseling geïntegreerd kan worden en/of operatie bij optimale katalysatorcondities gerealiseerd kan worden.
- • modelvorming inclusief experimentele validatie van de modellen op laboratoriumschaal om industriële haalbaarheid te evalueren;
- • ontwikkeling en opschaling van nieuwe technologieën.
- • ontwikkelen van nieuwe technologieën op het gebied van procesintensificatie naar industriële pilotschaal.
- • ontwikkeling van geavanceerde destillatieconcepten.
- – nieuwe opslag- en transportsystemen;
- – opwaardering van warmte tot boven de pinchtemperatuur van de afnemer of omzetting in andere vormen van energiedragers;
- – hoge temperatuur opslag (60-150 °C);
- – grote opslagcapaciteiten/dichtheid;
- – kostenverlaging;
- – ontwikkeling van nieuwe koudetechnische concepten.
- – Kostenverlaging tot het niveau dat het systeem technisch en economisch haalbaar is;
- – Opslag met hoge capaciteit per volume-eenheid met minimale warmteverliezen.
- • Onderzoek naar nieuwe doorbraaktechnologieën op het gebied van hergebruik en duurzame warmte.
- • Uitvoeren van integrale studies naar warmteketens, inclusief niet-technologische belemmeringen.
- • Ontwikkeling van nieuwe technologieën voor opwaardering en transport naar industriële schaal, resulterend in industriële pilots.