Art. 19 Regeling veilig gebruik luchthavens en andere terreinen, Regels veilig gebruik overige burgerluchthavens en andere terreinen
Regeling veilig gebruik luchthavens en andere terreinen
1. Dit hoofdstuk is van toepassing op:
a. burgerluchthavens die niet onder de reikwijdte van hoofdstuk 2 vallen en die niet gecertificeerd zijn als bedoeld in artikel 6 van Verordening (EU) nr. 139/2014;
b. terreinen voor tijdelijk en uitzonderlijk gebruik;
c. terreinen die gebruikt worden voor het landen of opstijgen van een vrije ballon, een schermzweeftoestel of een zeilvliegtuig;
d. terreinen die gebruikt worden voor het opstijgen van een luchtvaartuig nadat deze een nood- of voorzorgslanding heeft gemaakt.
2. Dit hoofdstuk is niet van toepassing op:
a. burgerluchthavens die uitsluitend gebruikt worden om te soaren;
b. terreinen voor tijdelijk en uitzonderlijk gebruik die gebruikt worden door vliegtuigen die deelnemen aan een luchtvaartvertoning of die uitsluitend gebruikt worden om te soaren;
c. luchthavens die geheel of gedeeltelijk bestemd zijn voor de start en landing van modelluchtvaartuigen, waarvan de totale massa ten hoogste 25 kilogram bedraagt.