Art. 5 Besluit burgerluchthavens, Burgerluchthavens van regionale betekenis en burgerluchthavens van nationale betekenis
1. Vaststelling van een luchthavenbesluit is vereist indien een contour van het plaatsgebonden risico van 10-6 of een geluidcontour van 56 dB(A) Lden buiten het luchthavengebied valt.
2. Vaststelling van een luchthavenregeling volstaat in ieder geval bij:
a. een luchthaven met uitsluitend opstijgingen met ballonnen bestemd en ingericht voor het vervoer van bemande vluchten;
b. een luchthaven die uitsluitend wordt gebruikt door zweeftoestellen;
c. een luchthaven die uitsluitend wordt gebruikt door micro light aeroplanes;
d. een luchthaven die uitsluitend wordt gebruikt voor onbemande luchtvaartuigen waarvan de totale massa ten hoogste 25 kilogram bedraagt;
e. een luchthaven met uitsluitend een combinatie van het onder a, b of c bedoelde luchthavenluchtverkeer.
3. Dit artikel is niet van toepassing op burgerluchthavens van nationale betekenis die buiten de provinciegrenzen zijn gelegen als bedoeld in artikel 8.1, tweede lid, onderdeel a, van de wet.