Art. 9a Tijdelijke subsidieregeling plusvoorzieningen overbelaste jongeren, Samenwerking tussen RMC-regio’s
Tijdelijke subsidieregeling plusvoorzieningen overbelaste jongeren
1. Onderwijsinstellingen in een RMC-regio kunnen voor wat betreft het opzetten en verder ontwikkelen van een plusvoorziening besluiten samen te werken met onderwijsinstellingen in een andere RMC-regio.
2. Indien als gevolg van de samenwerking, bedoeld in het eerste lid, subsidiebedragen worden besteed in de andere RMC-regio dan de RMC-regio die op grond van artikel 4 aanspraak maakt op de subsidie, geschiedt dit slechts onder de volgende voorwaarden:
a. de samenwerking wordt geregeld in de samenwerkingsovereenkomsten van de samenwerkende onderwijsinstellingen in de RMC-regio’s;
b. de samenwerkende RMC-regio’s hebben dezelfde contactschool;
c. de contactschool verantwoordt de besteding van de middelen per RMC-regio afzonderlijk in de jaarverslaggeving;
d. de contactgemeenten van de RMC-regio’s stemmen in met de samenwerking tussen de RMC-regio’s en met de besteding van het subsidiebedrag in de betreffende RMC-regio;
e. elke regio dient afzonderlijk een plan van aanpak in, bedoeld in artikel 10; en
f. in het plan van aanpak wordt tevens de hoogte van het subsidiebedrag aangegeven dat wordt besteed op grond van de samenwerking, bedoeld in het eerste lid.