Art. 2e Verordening op de administratie en de financiële integriteit, Authenticatiemiddel

Verordening op de administratie en de financiële integriteit

1. De advocaat gebruikt het authenticatiemiddel

a. in bij of krachtens enige wet verplicht gestelde legitimatie als advocaat;

b. ter verkrijging van de toegang tot voor de praktijkuitoefening relevante door de Algemene Raad aangewezen beveiligde internetomgevingen;

c. overeenkomstig het door de Algemene Raad bij nadere regeling bepaalde.

2. De advocaat draagt er zorg voor dat een kantoormedewerker en de contactpersoon, niet zijnde advocaat, het authenticatiemiddel gebruiken conform diens schriftelijke opdracht en met inachtneming van het in dit hoofdstuk bepaalde.