Bijlage II Subsidieregeling innovatie cultuuruitingen: , als bedoeld in artikel 14 onder b van de Subsidieregeling innovatie cultuuruitingen
Subsidieregeling innovatie cultuuruitingen
Naam subsidieaanvrager: Titel Project: Activiteit (korte omschrijving) Uurtarief Uren Uren x tarief Subtotaal Opslag algemene kosten (25%) Totaal 1: Materiaal/hulpmiddelen Prijs per hoeveelheid Hoeveelheid Totaalprijs Totaal 2: Soort apparatuur Aanschafprijs Afschrijvingstermijn Gebruiksduur Bedrag 5 jaar 5 jaar 5 jaar 5 jaar Totaal 3: NB. Offertes van de aanbieder moeten ondertekend worden bijgevoegd Naam Omschrijving Bedrag Totaal 4: (minimale 100.000 euro) (totaal van 1+2+3+4) (zie vraag b van het aanvraagformulier) (zie vraag b van het aanvraagformulier) * Toelichting en duidelijke onderbouwing financiering eigen aandeel: NB: De financiering van het eigen aandeel mag niet bestaan uit gekapitaliseerde arbeidskorsten (zie hiervoor de toelichting op artikel 20 van de Subsidieregeling innovatie cultuuruitingen) De begroting dient te worden opgesteld conform deze bijlage. Als subsidiabele kosten worden uitsluitend die kostenposten in aanmerking genomen die in deze modelbegroting zijn opgenomen. Belangrijk is dat de voorziene kosten worden toegerekend aan de uit te voeren werkzaamheden. Geef hierbij aan om welk soort werkzaamheden het gaat. Voor alleen de kosten op die: De kosten worden in aanmerking genomen met inbegrip van omzetbelasting, indien u de omzetbelasting niet in aftrek kun brengen. Winstopslagen bij een transactie binnen een groep mogen niet worden meegenomen. Dit zijn de werkelijke loonkosten inclusief werkgeverslasten, voor direct bij de activiteiten betrokken personeel voor zover deze rechtstreeks voor de uitvoering van de activiteiten noodzakelijk zijn. Het uurloon wordt berekend op basis van het aantal uren behorende bij een fulltime dienstverband in uw sector, voor elke werknemer apart. NB: Andere tarieven bv. uw eigen integrale of commerciële tarieven of gemiddelen worden niet geaccepteerd. Voor algemene kosten mag een opslag van 25 procent van de totale loonkosten worden opgevoerd. Dit zijn de kosten van de benodigde materialen en hulpmiddelen, ge
- • rechtstreeks zijn toe te rekenen aan de subsidiëren activiteiten;
- • voor eigen rekening komen van de aanvrager;
- • worden gemaakt en betaald ná indiening van de aanvraag en vóór het einde van het project/programma.