Art. 4 Cusumsysteem Erkenninghouders snelheidsbegrenzer

Cusumsysteem Erkenninghouders snelheidsbegrenzer

1. De erkenninghouder wordt geplaatst in:

a. de normale klasse (N):

1° na het verlenen van de erkenning en na een tijdelijke intrekking van de erkenning, waarbij de startwaarde 4,5 is;

2° indien de cusumstand na de laatste 5 steekproeven in de P-klasse kleiner is dan 6,5 waarbij de startwaarde de laatste cusumstand in de P-klasse is;

3° indien de cusumstand in de C-klasse groter of gelijk is aan 4,5 doch kleiner dan 6,5, waarbij de startwaarde de laatste cusumstand in de C-klasse is.

b. de compensatie klasse (C) indien de cusumstand in de N-klasse kleiner of gelijk is aan 0, waarbij de startwaarde 0 is en waarna de cusumstand niet kleiner wordt dan 0.

c. de penalty klasse (P), waarbij de startwaarde 4,5 is indien:

1° de cusumstand 6,5 of hoger is;

2° één afzonderlijke cusumbijdrage groter is dan 5;

3° de som van de cusumbijdragen van de laatste 5 steekproeven groter is dan 5.

2. De kans op steekproeven in genoemde klassen wordt bepaald door de verhouding N: C: P = 2: 1: 6.

3. Plaatsing in de C-klasse geeft aanleiding tot verminderd toezicht en plaatsing in de P-klasse tot verscherpt toezicht.