Bijlage 3 Regeling beoordeling centraal examen: inrichting correctievoorschrift centraal schriftelijk en praktisch examen vmbo

Regeling beoordeling centraal examen

Het correctievoorschrift bestaat uit: Het werk van de kandidaten wordt beoordeeld met inachtneming van de artikelen 41, 41a en 42 van het Eindexamenbesluit v.w.o.-h.a.v.o.-m.a.v.o.-v.b.o. Voorts heeft de CEVO op grond van artikel 39 van dit Besluit de Regeling beoordeling centraal examen vastgesteld en bekend gemaakt via de Staatscourant. De regeling is ook te raadplegen via www.cfi.nl en www.examenblad.nl. Voor de beoordeling zijn op grond van de artikelen 41, 41a en 42 van het Eindexamenbesluit de volgende passages van belang. Voor de beoordeling van het examenwerk zijn de volgende bepalingen uit de Regeling beoordeling centraal examen van toepassing: Voor het centraal schriftelijk en praktisch examen zijn geen / de volgende vakspecifieke regels vastgesteld. Het beoordelingsmodel bestaat uit twee delen: het beoordelingsschema (paragraaf 4.1) en de toelichting bij het beoordelingsschema (paragraaf 4.2). In (de toelichting bij) het beoordelingsschema staan: Het cijfer voor het cspe wordt als volgt verkregen. De examinator en de tweede examinator stellen in onderling overleg de score vast Deze score wordt meegedeeld aan de directeur. De directeur stelt het cijfer voor het cspe vast op basis van de regels voor omzetting van score naar cijfer. De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.