Bijlage XI Regeling voertuigen: behorende bij artikel 6.6
Vervallen.
- 1. Een T100-bus moet voldoen aan de volgende eisen:
- a. de bus moet een snelheid van ten minste 100 km/h kunnen behalen;
- b. de bus mag niet geleed zijn;
- c. de profilering van de hoofdgroeven van de banden moet over de gehele omtrek van het loopvlak ten minste 1,6 mm bedragen, met uitzondering van slijtage-indicatoren;
- d. de bus mag niet zijn voorzien van nageprofileerde banden;
- e. de bus moet wat betreft de doorgangen en zitplaatsruimten voldoen aan hetgeen voor bussen van de klassen B of III is bepaald in de VN/ECE-reglementen 36, 52, 107, verordening (EU) 2018/858 of hoofdstuk 3 van deze regeling;
- f. het meetbereik van de snelheidsmeter moet ten minste 100 km/h bedragen;
- g. het draagvermogen van de banden moet voldoende zijn voor de opgegeven technisch toegestane maximum aslast behorend bij een snelheid van 100 km/h,
- h. de bus moet wat betreft de reminrichting ten minste voldoen aan richtlijn 71/320/EEG, zoals deze is gewijzigd bij richtlijn 88/194/EEG (PbEG L 92);
- i. de bus moet ten minste voorzien zijn van bevestigingspunten van gordels overeenkomstig richtlijn 76/115/EEG, zoals deze is gewijzigd bij richtlijn 90/629/EEG (PbEG L 341);
- j. de zitplaatsen die van bevestigingspunten als bedoeld in onderdeel i zijn voorzien, moeten zijn voorzien van gordels overeenkomstig bijlage XV van richtlijn 77/541/EEG, zoals deze is gewijzigd bij richtlijn 2000/3/EG (PbEG L 53);
- k. de bus mag niet zijn voorzien van staanplaatsen.
- 2. Een bus met een EU-typegoedkeuring waarvan de constructiesnelheid minimaal 100 km/h bedraagt, wordt geacht te voldoen aan de eisen, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en f tot en met j.