Art. 5.1 Deelregeling voor Hedendaags gecomponeerde muziek, Jazz en geïmproviseerde muziek, Wereldmuziek en Popmuziek. van het Nederlands Fonds voor Podiumkunsten+ 2009–2010, Subsidiabele kosten
1. Uitsluitend de kosten die redelijkerwijs samenhangen met en toe te rekenen zijn aan het verrichten van de activiteit waarvoor de subsidie is aangevraagd, komen voor subsidiëring in aanmerking.
2. De volgende kosten komen in ieder geval niet voor subsidiëring in aanmerking:
a. kosten die zijn gemaakt vóór het besluit tot subsidieverlening;
b. kosten voor activiteiten die niet relevant zijn in het licht van de doelstelling van de desbetreffende paragraaf;
c. structurele investeringen, zoals kosten die betrekking hebben op exploitatie, investeringen in accommodatie en de aanschaf van instrumenten.