Art. 1 Verordening HBAG heffing bloemen en planten 2009, Begripsbepalingen en toepassingsgebied

Verordening HBAG heffing bloemen en planten 2009

In deze verordening wordt overgenomen de terminologie van het Instellingsbesluit Hoofdbedrijfschap voor de Agrarische Groothandel en wordt verstaan onder:

1. voorzitter: de voorzitter van het Hoofdbedrijfschap voor de Agrarische Groothandel;

2. hoofdbedrijfschap: Hoofdbedrijfschap voor de Agrarische Groothandel (HBAG).

3. HBAG Commissie bloemkwekerijproducten: de op grond van artikel 5 van het Instellingsbesluit Hoofdbedrijfschap voor de Agrarische Groothandel ingestelde commissie bloemkwekerijproducten;

4. de ondernemer: de natuurlijke of rechtspersoon die een onderneming drijft dan wel de natuurlijke personen of rechtspersonen die gezamenlijk een onderneming drijven;

5. het begrotingstijdvak: de periode van 1 januari 2009 tot en met 31 december 2009;

6. het instellingsbesluit: het Instellingsbesluit Hoofdbedrijfschap voor de Agrarische Groothandel;

7. In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

a. bloemkwekerijproducten: siergewassen, bloemzaden daaronder begrepen, in blad-, bloem- of vruchtdragende toestand in hun geheel of gedeeltelijk, met uitzondering van:

1. winterharde houtgewassen in hun geheel voorzover niet vervroegd of verlaat, alsmede kerstbomen met wortels en delen van winterharde houtgewassen;

2. voor zover in groene toestand de Japanse azalea’s, alsmede variëteiten en hybriden daarvan;

3. dahliastekken, begonia- en gloxiniaplantjes, uitsluitend bestemd voor de teelt van knollen, en

4. aquariumplanten en niet-levende bloemkwekerijproducten;

b. omzet het bruto-verkoopfactuurbedrag (eindbedrag van de factuur) waarover BTW wordt berekend.

8. Onder het kweken van bloemkwekerijproducten of teeltmateriaal wordt mede begrepen het doen kweken.