Art. 1 Tijdelijke SZW-borgstellingsregeling ondernemers 2009–2010, Definitiebepalingen

Tijdelijke SZW-borgstellingsregeling ondernemers 2009–2010

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. de Minister: de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;

b. uitvoeringsinstelling: het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, genoemd in hoofdstuk 5 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, of het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hengelo, Leeuwarden, Lelystad, Rotterdam of Tilburg;

c. kredietinstelling: een kredietinstelling als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht;

d. gemeentelijke kredietbank: een gemeentelijke kredietbank als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht;

1° een persoon van 18 tot 65 jaar die in Nederland woont en die een bedrijf of zelfstandig beroep voornemens is te beginnen;

2° een kleine onderneming als bedoeld in bijlage 1, artikel 1, tweede lid, van de Verordening (EG) 70/2001 van de Commissie van 12 januari 2001 betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het EG-verdrag op staatssteun voor kleine en middelgrote ondernemingen (Pb. EGL 10);

f. levensvatbaar bedrijf of zelfstandig beroep: het bedrijf of zelfstandig beroep waaruit de ondernemer een inkomen verwerft dat toereikend is voor de voortzetting van het bedrijf of zelfstandig beroep en voor de voorziening in het bestaan;

g. borgstellingsovereenkomst: een overeenkomst tussen de Minister en de kredietinstelling of de gemeentelijke kredietbank in het kader van deze regeling.