Bijlage 3 Aanwijzing mensenhandel: lijst met indicatoren / kenmerken van mensenhandel
De volgende factoren en bevindingen uit onderzoek kunnen een rol spelen bij het signaleren in de opsporing dat mensenhandel aan de orde is. Het betreft een niet-limitatieve opsomming van voorbeelden die vanzelfsprekend niet allemaal tegelijk op hoeven te gaan.
- 1. Meervoudige afhankelijkheid
- 1a. De werkgever/exploitant regelt ook huisvesting, kleding, vervoer
- – Niet zelf de reis, visa, etc. hebben geregeld
- – Beschikken over een vals of vervalst paspoort
- – Illegaal verblijvend/werkend in Nederland
- – Angst voor bijvoorbeeld uitzetting, mishandeling etc.
- – Ontbreken van eigen woonruimte in Nederland
- – Overnachten op de werkplek
- – Onbekendheid met het eigen werkadres
- – In sociaal isolement gebracht door werkgever of exploitant
- 1b. Het slachtoffer heeft schulden
- – Er is sprake van schuldopbouw bij derden (bijvoorbeeld exploitant of souteneur)
- – De exploitant of souteneur heeft een overnamebedrag betaald.
- 2. Een sterke inperking van de basisvrijheden van de betrokkene
- 2a. Het slachtoffer kan of mag geen contact hebben met de buitenwereld
- – Het onthouden van medische hulp.
- – Slachtoffer heeft geen zelfstandige bewegingsvrijheid
- 2b. Het slachtoffer heeft geen beschikking over eigen identiteitspapieren
- 2c. Het slachtoffer heeft geen beschikking over de eigen verdiensten
- – Niet vrijelijk kunnen beschikken over de eigen verdiensten.
- – Onredelijk hoge afdracht van de inkomsten (onredelijk naar tijd en plaats beoordeeld)
- 3. Het werken of verlenen van diensten onder zeer slechte omstandigheden
- – Het slachtoffer ontvangt een ongebruikelijk laag loon in vergelijking met de markt
- – Het slachtoffer werkt onder gevaarlijke omstandigheden
- – Het slachtoffer maakt uitzonderlijk lange werkdagen of werkweken
- – Onder alle omstandigheden en buitenproportioneel lang werken
- – Chantage of bedreiging van familie
- – Er is sprake van mensensmokkel van alleenstaande vrouwen.
- – De combinatie: niet EU, huwelijk of verblijf bij partner en kort nadien werken in de prostitutie
- – Relatie met personen met relevante antecedenten of locaties die geassocieerd worden met mensenhandel
- – Is afkomstig uit een bronland
- – Verplichting om een minimum bedrag per dag te verdienen
- – Slaafse houding ten opzichte van exploitant of souteneur
- – Gebouwen met camera’s (ook intern); schuilplaatsen, fake-inrichting, bodyguards etc.
- 4. Aantasting van de lichamelijke integriteit van de betrokkene
- – Het afstaan van organen
- – Onvrijwillig tewerkgesteld in de prostitutie
- – Bedreigd of geconfronteerd met geweld
- – Dreiging met of daadwerkelijke toepassing van geweld, het dragen van sporen van lichamelijke mishandeling
- – Kenmerken die duiden op afhankelijkheid van de exploitant/souteneur (bijvoorbeeld tatoeages of voodoomateriaal)
- – Onder dwang (bepaalde) seksuele handelingen moeten verrichten
- 5. De uitbuiting is niet incidenteel, maar er is sprake van een patroon of een in enigerlei mate georganiseerd verband
- – Tips van betrouwbaar geachte bekende derden (gewicht afhankelijk van informatie)
- – Het afwisselend op verschillende plaatsen werken