Art. 3.7 Subsidieregeling innoveren, Innovatiekredieten

Subsidieregeling innoveren

1. De minister beslist afwijzend op een aanvraag indien:

a. hij de subsidiabele kosten raamt op minder dan € 150.000;

b. onvoldoende vertrouwen bestaat dat de subsidie-ontvanger het ontwikkelingsproject en de daarop volgende fase van commercialisatie kan financieren;

c. onvoldoende vertrouwen bestaat dat de subsidie-ontvanger een ontwikkelingsproject zowel in technische als in economische zin tot een succes zal kunnen maken;

d. onvoldoende vertrouwen bestaat dat de subsidie-ontvanger de subsidie terug kan betalen binnen de in artikel 3.8, vierde lid, genoemde periode;

e. van het ontwikkelingsproject onvoldoende positieve gevolgen voor de Nederlandse economie te verwachten zijn.

2. De afwijzingsgrond, genoemd in artikel 23, onderdeel b, van het Kaderbesluit EZ-subsidies is niet van toepassing.