Bijlage II Deelnemings- en inschrijvingsverordening: behoort bij Deelnemings- en inschrijvingsverordening bedoeld in artikel 4 vastgesteld bij besluit van de ledenvergadering van de Nederlandse loodsencorporatie op 16 april 2013 te Rotterdam, nr. 1
Deelnemings- en inschrijvingsverordening
Bewijs tot deelname aan opleiding tot registerloods (OTR).... Het bestuur van de regionale loodsencorporatie ......... Gelet op artikel 4 van de Deelnemings- en inschrijvingsverordening besluit dat: Naam: Wonende te: Geboren te: BSN nummer: hierna te noemen de aspirant; Vastgesteld hebbende dat de aspirant voldoet aan de bij of krachtens de Loodsenwet aan de aspirant gestelde eisen; Overwegende dat de aspirant alle uit dit bewijs tot deelname aan de OTR voortvloeiende rechten en verplichtingen aanvaardt door dit bewijs per omgaande in te leveren bij het opleidingsbureau. De aspirant die na inlevering van het bewijs tot deelname en voorafgaand aan de start van de OTR te kennen geeft niet aan de OTR deel te nemen, is gehouden aan het betalen van de aan hem toe te rekenen kosten aangaande de voorbereiding van de betreffende OTR en de werving en selectie. Het bestuur van de betreffende regionale loodsencorporatie is bevoegd, na overleg met de algemene raad de hoogte van het terug te betalen bedrag lager vast te stellen dan de toe te rekenen kosten. Hierbij is een bewijs tot deelname aan OTR ..... verstrekt aan de aspirant. Aldus in tweevoud: Datum: Plaats: Namens het bestuur van de regionale loodsencorporatie ....... Voorzitter Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel IX, onderdelen D tot en met J, van de Aanpassingswet zbo's IenM aan de Kaderwet zbo's in werking treedt.
- 1. Het bewijs tot deelname aan de OTR vangt aan op .....en eindigt uiterlijk ........ maanden na afloop van die datum, derhalve uiterlijk op ........
- 2. Dit bewijs eindigt vóór de afloop van de in het eerste lid genoemde termijn, op het einde van de maand waarin de aspirant ten einde te voldoen aan zijn aan de opleiding gerelateerde verplichtingen, het eindexamen met goed gevolg heeft afgelegd.
- 3. Dit bewijs eindigt vóór de afloop van de in het eerste lid genoemde termijn, met ingang van de datum waarop naar het oordeel van het bestuur van de betreffende regionale loodsencorporatie is komen vast te staan dat de aspirant niet langer aan zijn aan de opleiding gerelateerde verplichtingen voldoet.
- 4. Indien dit bewijs tot deelname aan de OTR eindigt ingevolge het derde lid, of op verzoek van de aspirant, is de aspirant op eerste vordering van de betrokken organisatie gehouden tot terugbetaling van alle op grond van dit bewijs aan hem betaalde studievergoedingen en maximaal 50% van de totale kosten van de opleiding, waarbij het terug te betalen bedrag evenredig is aan de mate waarin deze verplichtingen niet zijn nagekomen of het gedrag dan wel de beoordelingsresultaten aanleiding toe geven.
- 5. Dit bewijs tot deelname aan de OTR eindigt vóór de afloop van de in het eerste lid genoemde termijn, met ingang van de datum waarop is komen vast te staan dat de aspirant, naar het oordeel van het bestuur van de betreffende regionale loodsencorporatie, door zijn gedragingen, uitlatingen of studievoortgang blijk heeft gegeven van ongeschiktheid voor het beroep van registerloods.
- 6. Indien dit bewijs tot deelname aan de opleiding tot registerloods eindigt ingevolge het vijfde lid is de aspirant op vordering van de daarvoor betrokken organisatie gehouden tot terugbetaling van alle op grond van dit bewijs aan hem betaalde studievergoedingen en de totale kosten van de opleiding.
- 7. Dit bewijs wordt aansluitend aan en na afloop van de in het eerste lid genoemde termijn, verlengd, indien daartoe naar het oordeel van het hierboven genoemde bestuur van regionale loodsencorporatie in redelijkheid aanleiding bestaat.