Bijlage 8 Vpb bf

Vennootschapsbelasting; bedrijfsfusie (Vpb bf)

Belastingdienst/<Regio>/<kantoor> Uw brief van: Datum: Uw kenmerk: Ons kenmerk: <naam geadresseerde> <adres> <postcode + plaats> Onderwerp: Vennootschapsbelasting. Bedrijfsfusie. Goedkeuring te laat ingediend verzoek. Geachte <naam>, Naar aanleiding van uw brief van <datum> deel ik u het volgende mee. In uw brief verzoekt u vrijstelling van de heffing van vennootschapsbelasting ter zake van de overdracht van (het zelfstandig onderdeel van) de onderneming van <naam overdragende vennootschap (fiscaal nummer)> te <vestigingsplaats> (de overdrager) aan <naam overnemende vennootschap (fiscaal nummer)> te <vestigingsplaats> (de overnemer) tegen uitreiking van aandelen. Het verzoek is niet ingediend vóór de overdracht van de onderneming. De Staatssecretaris van Financiën heeft mij in het besluit met nummer CPP2008/1008 toegestaan een beslissing te nemen op een te laat ingediend verzoek. Ik keur goed dat heffing van vennootschapsbelasting achterwege blijft ter zake van de in het verzoek omschreven overdracht van (het zelfstandig onderdeel van) de onderneming door de overdrager aan de overnemer tegen uitreiking van aandelen. Aan deze goedkeuring verbind ik de hieronder opgenomen voorwaarden, welke – zie voorwaarde 10 – schriftelijk door u moeten worden aanvaard. In deze voorwaarden wordt verstaan onder: Wet Vpb: de Wet op de vennootschapsbelasting 1969; overdrager: de overdragende belastingplichtige; overnemer: de overnemende belastingplichtige; het overgangstijdstip: het tijdstip van wanneer af de overgedragen onderneming geacht wordt rechtstreeks voor rekening en risico van de overnemer te zijn uitgeoefend; de overdracht: de feitelijke inbreng van activa in en overneming van passiva door de overnemer; overgedragen onderneming: de overgedragen onderneming of het overgedragen zelfstandig onderdeel van een onderneming. Indien in deze voorwaarden wordt verwezen naar artikel 13ca van de Wet Vpb wordt daarmee bedoeld de in artikel V van de Wet van 15 december 2005, Stb. 2005, 68