Art. 32 Wwft, Handhavingsbevoegdheden
Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft)
1. Indien de boete wordt opgelegd aan een instelling als bedoeld in artikel 1a, tweede, derde, of vierde lid, onderdeel f, of aan een beheerder als bedoeld in artikel 1a, zesde lid, bedraagt de bestuurlijke boete voor een afzonderlijke overtreding van een voorschrift gerangschikt in de derde categorie, in afwijking van artikel 31, ten hoogste 20% van de netto-omzet van de overtreder in het boekjaar voorafgaande aan de beschikking waarmee de bestuurlijke boete wordt opgelegd, indien dit meer is dan tweemaal het ingevolge artikel 31, derde lid, toepasselijke maximumbedrag.
2. Indien de bestuurlijke boete wordt opgelegd aan een onderneming die opgenomen is in een groep met een geconsolideerde jaarrekening, worden bij de berekening van de netto-omzet de totaalbedragen gehanteerd uit de geconsolideerde jaarrekening van de uiteindelijke moederonderneming.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- CBb 30 juni 2025, ECLI:NL:CBB:2025:353
- CBb 20 juli 2017, ECLI:NL:CBB:2017:274
- Rb. Rotterdam 28 april 2022, ECLI:NL:RBROT:2022:5158
- Rb. Rotterdam 9 april 2021, ECLI:NL:RBROT:2021:3342
- CBb 14 maart 2023, ECLI:NL:CBB:2023:132
- Rb. Rotterdam 3 maart 2016, ECLI:NL:RBROT:2016:1666
- Rb. Rotterdam 10 februari 2017, ECLI:NL:RBROT:2017:1047
- CBb 5 februari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:58