Bijlage II Warenwetregeling nadere eisen kinderbedden en -boxen: bij de Warenwetregeling nadere eisen kinderbedden en -boxen
Warenwetregeling nadere eisen kinderbedden en -boxen
Deze eisen zijn opgesteld voor kinderbedden en boxen gebruikt in kindercentra voor kinderen tot 4 jaar. De eisen zijn van toepassing op bedden, evacuatiebedden en opvouwbare bedden met een inwendige lengte vanaf 900 mm. Bedden met een inwendige lengte kleiner of gelijk aan 900 mm worden beschouwd als wieg en moeten als zodanig voldoen aan de Europese norm voor wiegen (EN 1130). Deze eisen zijn van toepassing op alle boxen en inklapbare boxen. Kinderbedden waarvan de bovenkant van de bedbodem zich op minder dan 200 mm boven het vloeroppervlak bevindt, worden alleen uitgesloten van de eisen voor vallen van hoogte. Trappen en ladders die gebruikt worden om in en uit bed te klimmen behoren in gebruikstoestand te voldoen aan de gestelde eisen. Indien het product voorzien is van onderdelen die vallen onder andere wetgeving dan moet ook aan wetgeving die daarvoor geldt, worden voldaan. Kinderbed: een meubel, voorzien van een uitvalbeveiliging met een inwendige lengte vanaf 900 mm, dat bestemd is als slaapplaats voor een kind van 0 tot 4. Box: een meubel volledig omsloten door een uitvalbeveiliging, bestemd om de actieradius van een hierin geplaatst kind te beperken en waarin een kind ruimte heeft om te spelen. Uitvalbeveiliging: Opstaande rand met een gedefinieerde hoogte die ervoor zorgt dat het kind niet uit het kinderbed of de box valt. Sluiten: het dicht maken van een (deel van een) te openen zijde zonder te vergrendelen. Vergrendelen: het blokkeren van de gesloten zijde. Hoge box: box waarbij de bovenzijde van de bodem tussen de 85 en 110 cm ligt. Optrede: de afstand van de bovenzijde van een trede of sport tot de bovenzijde van een eronder of erboven gelegen trede of sport. De eerste optrede is de afstand van de vloer tot de bovenzijde van de laagste trede of sport. Aantrede: De diepte van een trede van een trap, gemeten vanaf de voorzijde van een trede tot de voorzijde van de bovenliggende trede. Verblijfsruimte: deel van het product binnen de uitvalbeveiliging en v
- – tussen de opstaande zijden van het onderste bed en het onderste punt van het bovenste bed;
- – in het trapje, tenzij het trapje onderdeel is van de uitvalbeveiliging;
- – in de zijden van de ruimte onder een box waar onderdoor gekropen kan worden.
- a. Er zijn minstens twee opeenvolgende handelingen nodig om te ontgrendelen, waarbij de tweede handeling alleen uitgevoerd kan worden als de eerste handeling wordt voortgezet en voor de eerste handeling een kracht nodig is van minimaal 50 N (tangentiaal, indien relevant), of
- b. Er zijn twee afzonderlijke maar gelijktijdige acties nodig om de vergrendelingen te bedienen, waarbij één van beide een kracht nodig heeft van minimaal 50 N en beide vergrendelingen hebben een verschillend principe, of
- c. De bodem moet worden opgetild om het ineenvouwen in gang te zetten, of
- d. De vergrendeling heeft twee bedieningspunten die op een minimale afstand van 850 mm van elkaar geplaatst zijn en gelijktijdig bediend moeten worden.
- – de uitvalbeveiliging geen vrije val heeft, of
- – de uitvalbeveiliging uit zone A in zone B beweegt en er in dat deel van zone B geen openingen zijn, of
- – bij een ongecontroleerde beweging van de uitvalbeveiliging de ruimte die overblijft boven openingen of het vloeroppervlak minimaal 230 mm is en de kracht van de val van de uitvalbeveiliging zodanig wordt afgeremd of onderbroken dat geen ernstig letsel bij een eronder spelend kind wordt veroorzaakt.
- a. er is een kracht van minimaal 50 N nodig om de vergrendeling te bedienen, of
- b. de vergrendeling moet bediend worden door twee opeenvolgende handelingen, volgens een verschillend principe, waarbij de eerste handeling blijvend moet worden uitgevoerd alvorens de volgende kan plaatsvinden (voorbeeld duwen en draaien), of
- c. de vergrendeling heeft twee separate sluitingsmechanismen, gebaseerd op een verschillend principe, die tegelijk bediend moeten worden,of
- d. de vergrendeling heeft twee bedieningspunten die op een minimale afstand van 850 mm van elkaar geplaatst zijn en gelijktijdig bediend moeten worden, of
- e. de vergrendeling is niet door het kind (of een eromheen spelend kind) te bereiken.
- – twee of meer wielen en minstens twee andere steunpunten;
- – vier wielen waarvan er minstens twee geblokkeerd kunnen worden.
- – vallen van hoogte
- – beknelling
- – eisen fysieke belasting
- – maten trap
- – wrijfproef
- – trekproef
- – torsieproef
- – verticale statische belastingtest
- – duurzaamheidstest
- 1. Draaipunt
- 2. Zwaartepunt
- 3. Rubber bescherming
- a) een hoek;
- b) een positie waarop de bodem het zwakste lijkt, of, wanneer er geen zwakke positie gevonden kan worden, in de hoek tegenover punt a);
- c) het midden van een lange zijde;
- d) het midden van een korte zijde;
- e) het midden van de bodem;
- f) indien de bodem in hoogte verstelbaar is en de ondersteuningspunten verschillend zijn voor de verschillende hoogtes moet de bodem aanvullend in de hoogste positie getest worden op de twee diagonale hoeken welke nog niet getest zijn.
- a. knijp het materiaal aan de binnenkant van de rand van het opvouwbare product tussen twee vingers en bevestig het testapparaat zodanig dat het in de kleinst mogelijke hoeveelheid materiaal ‘bijt’ dat in contact is met alle vier de tanden;
- b. open de kaken van het testapparaat zover mogelijk en duw dit horizontaal op de rand zover de geleider toelaat en laat de tanden sluiten om de rand.
- 1. Het midden van de langste rechte zijde;
- 2. Het midden van de langste afgeronde hoek;
- 3. Het midden van de kleinste afgeronde hoek;
- 4. Een willekeurige verbinding of naad;
- 5. Alle ander posities die kwetsbaar zouden kunnen zijn.
- 1. merk en type van het geteste product
- 2. datum van onderzoek
- 3. testresultaten van alle eisen
- 4. beschrijvingen indien afgeweken is van de beschreven testmethoden
- 5. details van alle tekortkomingen
- 6. naam en adres van de keuringsinstantie
- 8 Opschriften en gebruiksaanwijzing
- – Het product moet voorzien zijn van naam of handelsnaam en het adres van de fabrikant, importeur of verkoper en een typeaanduiding waarbij deze aanduidingen onuitwisbaar op het product moeten worden aangebracht.
- – Het product moet voorzien zijn van een begrijpelijke en leesbare gebruiksaanwijzing in de Nederlandse taal
- – In de gebruiksaanwijzing dient voor de omgeving specifieke aandacht gegeven worden aan: koorden aan gordijnen, verwarming, ramen die open kunnen, koordjes die aan het product worden bevestigd.
- – De gebruiksaanwijzing dient vergezeld te gaan met aanwijzingen voor montage en onderhoud.
- – In de gebruiksaanwijzing moet gewezen worden op het feit dat baby’s vanaf 8 kg alleen in een hoge box mogen worden gelegd waarbij de bodem tussen de 850 mm en 1000 mm ligt.
- – Specifieke aandacht voor wiegendood en het voorkomen dat het kind onder de matras kan komen.
- – De informatie voor onderhoud en gebruik moet blijvend beschikbaar zijn. De informatie moet ten minste de volgende onderwerpen bevatten.
- 1. Naam en adres certificaathouder en/of telefoonnummer.
- 2. Montage- en demontagevoorschrift met duidelijke afbeeldingen, een lijst met beschrijvingen van alle onderdelen en de gereedschappen die nodig zijn voor de montage, alsmede tekeningen van de bevestigingsmaterialen (schroeven e.d.).
- 3. Waarschuwing dat alle onderdelen stevig moeten worden bevestigd, en dat schroeven e.d. niet los mogen zitten, omdat het kind anders klem kan raken met lichaamsdelen of onderdelen van de kleding, zoals touwtjes, snoeren, linten, die het risico van wurging met zich meebrengen.
- 4. Aanbeveling voor de afmetingen van de matras: maximaal 2 cm korter en smaller dan de interne afmetingen.
- 5. Waarschuwing om het bed niet naast een koord van gordijn en zonwering te plaatsen.
- 6. Waarschuwing om voorzichtig te zijn met open vuur en andere hittebronnen, zoals radiatoren, straalkachels, gasvlammen etc. in de buurt van het bed.
- 7. Waarschuwing om geen kussenachtige bekleding, zoals stootranden van zacht materiaal, en kussens te gebruiken.
- 8. Waarschuwing om geen dekbedden te gebruiken in het bed van kinderen tot 2 jaar.
- 9. Waarschuwing om het kind op de rug te slapen te leggen in verband met het risico van wiegendood.
- 10. Waarschuwing dat indien een defect wordt geconstateerd het product buiten gebruik gesteld moet worden.
- – Op het product moet vermeld staan wat de vergrendelde positie is.